donderdag 20 november 2014

Lantaarnpaal

Vanmiddag werd ik gebeld. De tutor (schoolbegeleider) van Joep aan de lijn. Of ik het wel wist? Wat wist? Nou dat Joep zich had misdragen op school en twee dagen gedwongen vrijaf kreeg. Nee, dat wist ik niet, antwoordde ik naar waarheid. Had Joep thuis niks verteld? Dat kon ik ook niet met stelligheid bevestigen. Aan mij niet in ieder geval. Misschien aan Franka?

Voor de draad ermee, zei de tutor, dan vertel ik het wel. Joep had tijdens de pauze een bal die op het dak terecht was gekomen gered. Daarna was hij (vanaf 6m) naar een belendende lantaarnpaal gesprongen en als een 21e eeuwse Batman (of Robin) afgedaald naar het plein.

Net zoals Bruce Wayne in de jaren '60. Als vanzelf omgekleed, de Batmobile in de stop/go stand gereed om uit te rukken. Mijn ultieme kinderdroom. Voor de rest vond ik de serie vooral onwaarschijnlijk. Het verwachtingsvolle moment vergoedde echter alles.

 



Het zou kunnen dat Joep via een versnelde genetische aanpassing mijn fascinatie voor Batman's glijpaal heeft overgenomen, maar zijn tutor vertelde me dat dit een gevaarlijke actie was geweest en dat een collega hem had waargenomen en een "gele kaart" had uitgedeeld. Gele kaart betekent twee dagen gedwongen verzuim. De tutor vertelde ook, en dat vond ik het aardigste aan het verhaal, dat hij het zelf als een buitenproportionele straf beschouwde. En zich eigenlijk vooral zorgen maakte dat het Joep zou demotiveren.
De reden dat ík dat zo'n aardige bekentenis vond, was dat Spaanse leerkrachten (in onze ervaring, de goede niet te na gesproken natuurlijk) nogal eens de neiging hebben om zich met hun hakken in het zand op hun streepjes vast te zetten. Hij had de gele kaart-trekker weliswaar niet kunnen vermurwen, maar wilde evenmin suggereren dat het een breed gedragen besluit was. 

Een droevig voorbeeld herinner ik me toen Joep op 7-jarige leeftijd op een vraag van zijn leerkracht aan de klas hoe je proeft, antwoordde dat dit vooral via de neus gebeurt. De mevrouw in kwestie repliceerde dat normale mensen hun eten via de mond tot zich nemen, maar dat dat bij Joep kennelijk via de neus gebeurde. De klas lachte luid en Joep kwam huilend thuis. 
Wat doe je dan, als ouder? Franka en ik zeggen dan dat de leerkracht niet goed bij haar hoofd is. En dat de mondholte, de tong meer precies, onderscheid maakt tussen zuur, zoet, bitter en zout, maar dat de rest van de smaakbeleving toch werkelijk via het reukorgaan verloopt. Waarom stoppen wijnproevers hun neus in het glas, tenslotte?
Dit inzicht is voorzover ik weet tot de dag van vandaag aan die mevrouw voorbijgegaan.
(Bij de spellingcontrôle een paar dagen na het opschrijven van deze alinea, checkte ik even via WIKI mijn verhaal over de basissmaken. Blijkt dat aan mij is voorbijgegaan dat we tegenwoordig 5 basissmaken onderscheiden op de tong. Naast de vier genoemde nog "umami", een smaak die in 1908 in Japan is ontdekt.........
Gelukkig zie ik op de Engelstalige WIKI dat pas rond 1985 "umami" officiëel is toegelaten als smaak. Zoiets als Pluto, maar dan andersom. In 1985 was ik al van school af, een hele opluchting! Bovendien, ik heb werkelijk nog nooit iemand horen zeggen: "Goh, dat smaakt wel erg umami!", fascinerend.)

Dat wij die mevrouw diskwalificeerden, had een achtergrond. Zij had ons een paar jaar eerder gewaarschuwd: "Uw kind -de oudste was dat, eveneens 7 jaar oud op dat moment- is een erg goede leerlinge! Het zou zomaar kunnen dat zij binnen een paar jaar u beiden passeert wat betreft intellectuele capaciteiten." 
Wij keken elkaar met opgetrokken wenkbrauwen aan???? Nee, dat was niet onze grootste zorg. Al is passeren de droom van alle ouders, maar negen jaar is wel een beetje vlot. Waarbij je je dan weer kunt afvragen of die ouders wel écht gepasseerd willen worden, of toch vooral een bevestiging van hun eigen uitmuntende capaciteiten terug willen zien. Een aardig thema voor een borrelpraatje.

Meer dan een bijzondere vorm van genetica denk ik dat Joep's actie was ingegeven door een combinatie van stoer doen en durf ik dat. Een niet zo rare emotie voor een post-puber. Een mens eigenlijk. Zelf zou ik het ook weleens willen proberen.

Het eind van het liedje is dat Franka, waaraan Joep het gisteravond wel bleek te hebben verteld, maar zij vond het evenmin interessant genoeg om direct mij te informeren, als antwoord had gegeven: "Heb jij geluk, kan je lekker twee dagen extra skiën." En deze boodschap is inmiddels aan de tutor overgebracht.

Lantaarnpalen en onze familie. Het is een turbulente geschiedenis. Mijn vader is er ooit voor in de gevangenis beland, mijn neef heeft er een levenslange lichte handicap door opgelopen. Dat zijn weer andere verhalen, maar de door Joep ervaren aantrekkingskracht is misschien tóch een genetisch dingetje.

Terug naar de website

dinsdag 4 november 2014

Mugo spp. mugo

Nog steeds druk met de afdeling bomen en struiken. Eerst zaterdagochtend Tim geholpen met kastanjes verzamelen voor de "castañada" die hier samenvalt met Allerzielen. 8 kg bij elkaar geraapt -meer paste er niet in zijn rugzak- die allemaal verkocht zijn aan de mensen die naar de mis gingen zaterdag. Kan de jeugd aanstaande zomer de bloemetjes extra buiten zetten op een mediterraan eiland, want daar gaat het allemaal om. 

Tim zijn gebroken enkel/gescheurde banden zijn weer hersteld, dus het kereltje wil weer graag in de bergen gaan rennen. En ik zat nog tot over mijn oren in de waarheidsvinding met betrekking tot de Pinus mugo spp. mughus. Of nou juist de Pinus unicata?

De verwarring was bij mij ontstaan omdat mijn Nederlandse bonsai-contact zei dat het hier vol zou moeten staan met de Pinus mugo.

Pino negro puede referirse a dos especies de Pináceas: 


Pinus mugo, pino arbustivo que no pasa de los 3 ó 4 metros; o
Pinus uncinata, pino que puede llegar a los 20 metros de alto.


Dit zegt de Spaanse Wiki ervan. De zwarte den, waar het hier vol mee staat op sommige plekken is een grote boom, de P. unicata. En de P. mugo of bergden blijft altijd klein. Struikvorm betekent "arbustivo". Hoe het verder zij, volgens de verspreidingskaarten die ik vond, zou het hier volstaan met P. mugo. En ik vermoedde dat dat weleens op spraakverwarring kon berusten. Zwarte den? Ok. Bergden? Ik denk het niet.

(Om het nog ingewikkelder te maken: De Nederlandse Wiki noemt de bergden P. mugo, zonder deze te beschrijven. En de zwarte den heet daar P. nigra......En de P. unicata staat er helemaal niet bij. 
Altijd gedacht dat wij dankzij Linnaeus van dit soort verwarring gevrijwaard waren. Totdat ik ging zoeken op "Linnaeus" in Wiki: 

Carl Linnaeus (gelatiniseerd als Carolus Linnaeus) of, nadat hij in 1761 in de adelstand was verheven, Carl von Linné (gelatiniseerd als Carolus a Linné)

De goede man had zelf al vier verschillende namen! Dat verklaart een heleboel.)

Nadat Tim zondagochtend zijn energie-overschot had kunnen ontladen, waarbij ik tevergeefs naar dat andere struikje, de Juniperus sabina  op zoek ben geweest, stelde ik hem voor om eens te gaan kijken op de top van de Mont Caubo achter ons huis. Spraakverwarring op spraakverwarring, want Caubo is een verbastering van "calvo", wat kale betekent. Die berg was ooit kaal kennelijk. Zoals de meeste bergen toen er nog overal schapen en geiten liepen.
We zijn op die kale berg geweest en hebben foto's gemaakt van wat volgens mij P. unicata zijn, zwarte dennen, maar dan door weer en wind getergde jonge exemplaren op 2300m hoogte op die hoogvlakke top. Hier komttie:

Pinus unicata/mugo?


Aan de onderkant zijn de naalden kort, hoogstens 3 cm, wat mij in eerste instantie op het idee bracht dat ik een andere soort had gevonden dan die dennen eromheen.
De hoofdstam die die "struik" op een gegeven moment toch ontwikkelt, heeft echter beduidend langere naalden. Een cm of 5, net als die grote bomen. Niet dat ik er verstand van heb, maar deze struikjes stonden naast, soms onder bomen die tot 10,12 m hoog zijn. Dat lijken mij dus door de omstandigheden klein gehouden zwarte dennen, de zwarte den (P. unicata) kan namelijk 20 m hoog worden. En die andere (P. mugo) maar 4. 

Ik las ook nog ergens dat sommige botanici zeggen dat de P. mugo unicata en P. mugo mugo eigenlijk hetzelfde zijn. Alleen is de ene door omstandigheden extra klein gebleven.....

Om een toch al lang verhaal niet teveel te laten uitdijen: foto's gemaakt en opgestuurd naar de bonsai-meneer. Die is wildenthousiast en wilde haast al in de auto springen. 
Alleen staan die struikbomen in het "Parc Natural de l'Alt Pirineu". En of de dames en heren natuurbeschermers daar op zitten te wachten? 

Met kerst zaag ik altijd ergens een boompje voor in de huiskamer. Aan onze kinderen leg ik al jaren uit dat ik dat met beleid doe. Alleen op plekken waar ze toch wegmoeten door wegwerkzaamheden of iets dergelijks. Nooit erosieverhinderende wortelgestellen en esthetisch is het ook in orde. Vaak is het meer dunning dan hacking en geef ik de broertjes en zusjes zo meer lebensraum. Daar kwam ik bij de kinderen wel mee weg. 

Maar bij de boswachters?

Terug naar de website

dinsdag 28 oktober 2014

Jagen en verzamelen (2), Kijken en zien(3): Juniperus Sabina spp.

Een paar weken geleden berichtte ik over de jagers, en de verzamelaarswoede die zich over ons meester had gemaakt bij het vallen van de eerste bladeren. Nog weer wat langer geleden over het verschil tussen kijken en zien. Vandaag gaat het over de synthese van beide onderwerpen.
Die verzamelaarswoede is  inmiddels klaar. De paddestoelen weet ik niet, maar de kastanjebomen beginnen na de bolsters nu ook hun blad te verliezen. De bramen zijn op. De kweeperen zitten in de potten en de eekhoorns zien ook geen noot meer in de bomen hangen. Klaar dus. Morgen nog even de laatste kastanjes die ik vandaag bij elkaar heb geharkt ontbolsteren en mijn taak zit er weer op voor de rest van deze winter. 

Dacht ik tot afgelopen vrijdagavond. 

Jagen en verzamelen kun je in het huidige tijdsgewricht echter op meerdere manieren uitvoeren dan ik eerder besprak. Je kunt bijvoorbeeld mislukte bomen verzamelen. Dat klinkt onaardig, en zo erg is het nu ook weer niet, maar ik werd vrijdag gebeld met de vraag of ik verstand van bomen had? Nee dus. Behalve een boomkwekend familielid te Boskoop beperkt mijn kennis zich toch vooral tot de Sequoia die mijn ouders door datzelfde familielid ooit kregen aangeleverd. Sequoia's kunnen heel groot worden. Zo groot dat ondanks dat mijn ouders al ruim middelbaar waren bij ontvangst van het cadeau en jong zijn overleden het aloude gezegde "boompje groot,.....enz." niet helemaal opging. Het was al een behoorlijk boom toen zijn planter overleed. 
De meneer die mij belde vroeg desondanks of ik weleens van de Juniperus Sabina had gehoord. Vreemd genoeg had het een bekende klank. Of ik verzon het ter plekke, want je moet je geheugen zo min mogelijk vertrouwen. 
Juniperus Sabina????
Na een mailtje kreeg ik een foto. Niet die hierboven, want die hebben wij zelf gemaakt vanmiddag, dat komt straks.
Juniperus Sabina volgens Wiki
Een beetje leek de foto wel op het Wiki exemplaar dat ik hier heb gekopiëerd. En zo'n soort boom hadden wij in de tuin bij mijn ouders vroeger! Meerderen zelfs. Allemaal aangeleverd door die Boskoopse oom. 
En toen sloeg bij mij het jachtinstinct toe. Ik mailde onmiddellijk naar die vriendelijke meneer: "Ja, ik geloof dat ik weet wat het is!" Kroop achter mijn zoekmachine. Ontdekte dat een andere ondersoort van de Juniperus sabina, de turifera hier 7 jaar geleden is ontdekt in het ons omringende Parc Natural.
Juniperus sabina turifera
In het vuistdikke rapport vond ik zelfs een plaatje van een geïsoleerde J. sabina turifera beneden bij de stuwdam. Verspreidingskaarten gevonden en geraadpleegd. Wat al niet. Ik weet nu haast alles van de Juniperus sabina. Normale mensen noemen dat trouwens Jeneverbes-achtigen, die Juni-peri. 
De grap is dat dat jachtinstinct volstrekt nergens op slaat. Ik wil over het algemeen iedereen wel helpen als ik over de middelen en mogelijkheden beschik en de persoon in kwestie niet al te onsympathiek overkomt. 
Het lijkt me een aardige man, maar hij is boomkweker. Bonsai-kweker om meer precies te zijn. Eigenlijk belde hij mij om te vragen of hij hier niet wat natuur mag komen vernietigen opdat een bemiddelde Nederlander een door de natuur gemaltraiteerd (anders moet de kweker dat doen, kost veel meer tijd) boompje in zijn tuin mag ingraven, daarbij zijn kennissen vertellend wat het wel niet gekost heeft om dat plantje speciaal voor hem uit de Pyreneeën te importeren. 
En zo beschouwd is het een heel ander verhaal. Niet dat ik zoveel mededogen heb met iedere boom of plant. Maar het moet wel een soort van doel hebben, zo'n boom uitgraven. Mijn Boskoopse oom gaf ons genereus boompjes en struikjes, maar ter compensatie stuurde hij dan om de zoveel tijd een paar van zijn werknemers om te komen "stekken". En was bij ons de tuin weer kaal. Want stekken doe je niet onzichtbaar als handelskwekerij. Wat bij mij de indruk wekte dat mijn vader en moeder onbetaald de plantjes van onze oom mochten verzorgen en zodoende een soort goedkope uitleg waren van Handelskwekerij T. te Boskoop. Volgens oomlief liepen die kaalgevreten planten wel weer uit. Wat klopte, want als de tuin na een paar jaar weer groen begon te worden, stuurde hij zijn stek-taskforce weer op ons af. Met de eerder geschetste gevolgen.

Die achtergrond zal een rol gespeeld hebben bij mijn opkomende gevoel dat ik zwaar gestoord ben om me uit te sloven voor.....wat eigenlijk?
Juniperus.......? "bonsaia"
Na er een aantal dagen druk mee te zijn geweest, onder andere omdat mijn Nederlands contact met een nieuwe soort kwam die hier misschien voorkomt, de Pinus mugo spp. mugo ofwel Bergden, waar de botanici het ook al niet over eens zijn hoe hij precies heet,  kwam ik er, toen ik eens buiten ging kijken, achter dat de hele berghelling naast ons huis vol lijkt te staan met J. sabina??? Dat vond ik wel weer grappig. Kijken en zien, het blijft lastig.

Vanmiddag samen met Tim foto's wezen maken. Het exemplaar hierboven is volgens mij géén J. sabina, maar de besjes lijken wel een beetje. En wat meer is, daarom heb ik hem ook "bonsaia" gedoopt, het is wel het type struikachtige boom dat fel wordt begeerd in de Lage Landen bij de zee: veel oud hout, krom en tegen het randje van de spontane versterving. Dat vinden ze nl. mooi, die bonsai-liefhebbers.

Het enige exemplaar dat ik in Spanje aantrof moest € 800 opbrengen. Nooit geweten dat ik naast een goudmijn woon. 

Terug naar de website

dinsdag 7 oktober 2014

De Russen komen, privet!

Sinds een paar jaar zijn Russen de helden van de Catalaanse toeristische industrie. Ze komen met hordes tegelijk uit het Oosten en geven 5x zoveel uit als de andere toeristen. Dat schiet lekker op.

Dit jaar zijn er helaas minder Russen aan de Catalaanse kusten te bewonderen, want oorlog in de Oekraïne en boycotmaatregelen over & weer. Desondanks konden wij vorige week in Salou dit uithangbord fotograferen. Salou? zul je je afvragen. Ja, vorige week had ik een appartement in Salou gehuurd omdat ik in de buurt met een paar uit Nederland overgekomen vrijwilligers aan ons strohuis verder ging bouwen. De bouwplaats ligt niet ver van die roemruchte kustplaats en voor het bescheiden bedrag van € 40 per nacht zijn ze bereid je buiten het seizoen een 6-persoons appartement ter beschikking te stellen. En dat kon ik niet laten lopen. Alhoewel het grootste deel van de appartementen er ongebruikt uitzag, werden de straten en boulevards bevolkt door duizenden Rusjka's. Ze zijn nog niet op, ondanks die boycot.



Bij ons in de bergen had ik nog nooit een Rus gezien, maar daar is vandaag verandering in gekomen. Er kwam een hele groep tegelijk het zgn. "Ecomuseum" bezoeken. Beetje rare naam, want het heeft niks met ecologie noch met economie te maken. Je zou het met gevoel voor grandeur een "cultuurhistorisch museum" kunnen noemen. Je hebt ze in Nederland ook wel, een oude boerderij ingericht met een authentieke bedstee, een spinnewiel en een keuken met wat smeedijzeren gerei. Niet zo inspirerend.

Dat vindt niet iedereen, want de leiding van het museum was er in geslaagd een heuse groep buitenlanders hierheen te lokken. Voornamelijk Russen dus, maar ook dat was niet duidelijk.

Probleem!

De leiding en alle vaste rondleiders spreken geen buitenlandse talen. Hoe nu toch die zo gewaardeerde gasten te ontvangen? Gelukkig geeft Franka hier 40 uur per week Engelse les aan jong & oud, dus werd zij eergisteren gebeld met de vraag of zij misschien voor een keertje de rondleiding wilde verzorgen? Dat wilde zij wel, maar geen tijd omdat zij druk bezig is haar kennis over te dragen opdat binnen een niet te ver verwijderde toekomst ook de autochtonen dit soort taken zullen kunnen uitvoeren.

Nieuw probleem!

Franka is niet voor één gat te vangen, dus stelde zij voor om Joep in te zetten. Onze drie kinderen zijn namelijk de Engelse taal wel machtig. Kwestie van de tv omschakelen van nasynchronisatie naar de originele geluidsband. Door middel van Spongebob, How I met your mother, Two and a half Men en The Big Bang Theory leren die kinderen een aardig woordje over de grens. Dat zegt Franka ook altijd tegen de ouders van de kinderen die ze bijles geeft, maar die geloven het gelukkig niet. Of ze zijn bang dat ze het zelf niet kunnen volgen. In ieder geval heeft het geen merkbaar drukkende invloed op de bijles-vraag. Zozeer zelfs dat ik laatst bedacht dat Joep wel een sabbatical kan nemen als hij dit jaar de middelbare school afheeft. Inkomsten verzekerd!

Spanjaarden kunnen niet organiseren, maar zijn meesters in het improviseren. Weliswaar was de voorbereidingstijd voor Joep aan de korte kant, woorden als "kaarden", "spinnewiel" of "ploegschaar" zijn geen dagelijkse kost voor Charley Sheen cs, hij heeft zich er manmoedig doorheen geslagen en ik hoorde toen ik hem net op kwam halen een spontaan applaus aanrollen van de door hem begeleide club.

Het zou kunnen dat hij de Russen plat heeft gekregen door hen hartelijk "Privet" toe te wensen bij aankomst. Misschien dat hij tijdens dat eventuele sabbatical naast Engels ook nog wat lesjes Russich kan verzorgen.

Die ouders hebben dat toch niet in de gaten.


Terug naar de website

zaterdag 4 oktober 2014

Jagen en verzamelen

Ongeduldig zitten sommige mannen dit weekend op hun stoel te schuiven. Het is het één na laatste weekend voordat het jachtseizoen weer wordt geopend. Mannen dus. 3% van de jagers in Nederland is vrouw, dat zijn er bij elkaar 840 volgens de officiële statistieken. Toen RTL-nieuws vorig jaar een itempje aan het fenomeen wijdde, reageerden er binnen een paar uur 73 mensen (3 mannen) om hun afschuw te uiten op de FB-pagina van "Stop Dierenleed". Met name omdat één van die vrouwelijke jagers beweerde dat vrouwen "liefdevollere" jagers zijn, omdat zij zich door hun empathische superioriteit beter kunnen verplaatsen in het aan het afgeschoten wild aangedane lijden. Prachtig!

Hier in Spanje heb ik nog nooit een vrouwelijke jager gezien. Wel heel veel mannelijke verzamelaars. Paddestoelen is de specialiteit van de Catalanen. De kranten staan er vol mee, er is een jarenlang lopend tv-programma dat "Caçador de Bolets" heet. Inderdaad, paddestoelenjager. Het programma heeft een vast format: de camera loopt een tijdje met de jager (m/v) van die donderdagavond mee door bos of heide (weiland eigenlijk), er worden paddestoelen gevonden die in het speciaal daartoe ingerichte mandje, de cistell worden gegooid,
Cistell met Rovellons, de ¡lekkerste! volgens de meeste Catalanen 
en aan het eind van het programma worden de paddestoelen bereid en verorberd volgens een authentiek recept. In de praktijk bestaat dat authentieke recept er altijd in de paddestoelen te bakken (soms gaat er iets vlezigs mee) in de olijfolie met knoflook en peterselie. Na de maaltijd (altijd ¡fantastisch lekker!) komt er een kaartje van Catalonië in beeld met de "paddestoelenverwachting" voor komend(e) week(einde). Daarom wordt het op donderdag uitgezonden, vermoed ik.


Últim mapa
De paddestoelenverwachting


Van dat programma heb ik geleerd dat zo'n rieten mandje ervoor zorgt dat de sporen van de paddestoelen worden verspreid. Waarmee de critici die zeggen dat het niet goed voor de natuur is om massaal met een 4*4 het bos in te rijden en al die paddestoelen los te woelen, de monden worden gesnoerd. Massaal is het wel. Vorige week reed ik met Joep door een bosrijke zone van Catalonië waar de paddestoelenverwachting een 10 was. Het leek wel of er een monstertruck-evenement in de buurt plaatsvond, zoveel SUV's en terreinwagens alom verkeerd geparkeerd.

Zelf ben ik door kennissen een aantal malen benaderd om aan drijfjachten deel te nemen, wat ik altijd beleefd & vriendelijk heb afgewezen. Dus ben ik geen echte Pallares (bewoner van de Pallars, zo heet onze regio), want ik jaag niet en heb nooit een vlijmscherp mes in mijn broekzak. Niks aan te doen. Onze kinderen zijn al iets meer Pallaresos, maar hebben ook geen mes in hun zak en van jagen zijn ze evenmin erg geporteerd.

Van verzamelen echter des te meer. Ieder weekend rond deze tijd komen er massaal paddestoelen -waar Franka en ik geen verstand van hebben- ons huis binnen. Met behulp van allerlei via de krant of de tv tot ons gekomen determinatie-hulpmiddelen wordt vervolgens besloten welke in de pan mag en welke niet. Bij twijfel niet, zo luidt de afspraak. Er zijn heel veel verschillende eetbare paddestoelen, dus ieder weekend nadat weer een nieuwe soort als "eetbaar" is bestempeld, ga ik huiverend de nacht in.

Wij verzamelen niet alleen paddestoelen. Wij verzamelen ook walnoten en kastanjes, kweeperen en bramen. Walnoten eten wij op, meestal in de navolgende zomer met de gasten. Kweeperengelei maak je mij niet blij mee, maar omdat het een Catalaanse specialiteit is, moet ik er aan geloven. Bramen komen meestal niet over de drempel vanwege al op. En de kastanjes? Ook zo raar. Vanmorgen ben ik begonnen de twee veldjes onder de kastanjebomen van vroeggevallen blad en onvoldragen kastanjes te ontdoen zodat de komende vallers makkelijk te onderscheiden zullen zijn. Dat doe ik elk jaar, maar eigenlijk houd ik amper van kastanjes. Vroeger kon ik mijzelf nog wijsmaken dat ik het voor de buurvrouw deed waar hij het betreffende veld van in bruikleen hadden gekregen op voorwaarde dat zij de kastanjes kreeg. Die buurvrouw is al jaren dood en ik blijf maar harken..... 

De kinderen zijn ook niet dol op kastanjes. En Franka ook niet. Op zijn hoogst eten we er met zijn allen een stuk of dertig van op. Gepoft, want kastanjes pof je hier. ¡Heerlijk! Maar verzamelen, ja, dat moet toch! 

Alsof je een vegetarische jager bent.

PS Ik krijg net een mailtje van Suus, die in Canada verblijft, nav dit stukje dat zij wél van kastanjes houdt. Enige dichterlijke vrijheid mijnerzijds misschien, al heb ik mijn twijfels. 

Terug naar de website

woensdag 17 september 2014

Pla de la Font


De laatste jaren sturen wij een hoop mensen naar refugi Pla de la Font. Dat doen we eigenlijk vooral omdat die refuge buiten het Nationaal Park Aiguës Tortes ligt. Buiten het park? Ja, buiten het park. 
Een beetje tegenstrijdig klinkt dat wel, want is dat nationale park nu juist niet ons Unique Selling Point? Ook wel, maar vooral in augustus is het daar toch wel druk. En die hut ligt net een klein stukje buiten de oorspronkelijke -willekeurig getrokken grenzen van het park. 
Ik zeg willekeurig omdat de ontstaansgeschiedenis van het nationaal park zulks verhaalt. Volgens de overlevering had een rijke meneer het vruchtgebruik verworven van de houtkap van de gemeenten Boï en Espot. Hij had dat gedaan omdat hij op de hoogte was van de plannen van de Franco-regering om stuwdammen te gaan bouwen in dat gebied. Daarvoor heb je hout nodig om steigers te bouwen, bekistingen te maken enz. Véél hout. 
Hij had echter niet gerekend op de slimmigheid van een niet-zo-erg-bevriende minister in de Franco regering. Die verklaarde dat gebied tot Nationaal Park. Weg kaprechten.
De kant waar Pla de la Font zich bevindt was niet bij dat handeltje betrokken (gemeente Son in dit geval) en werd daarom destijds niet tot Nationaal Park uitgeroepen. Zo eenvoudig kan het zijn.
Maar het heeft wel enorme gevolgen, zo'n grens die op de kaart wordt getekend. De Pla de la Font is hut die weinig aanloop heeft, relatief in elk geval. Het is er echter wél heel mooi, er zijn verschillende aan,- en aflooproutes, voor een deel hartstikke leuk en goed te doen met kinderen, je ziet er bijna altijd Vale Gieren, dus wat wil je nog meer? 

De pas vlakbij de refuge
Niks. 

Ik weet niet of het door de geringe aanloop komt, maar de huttenwaarden zijn ook nog eens ontzettend aardig. Zó aardig dat nu ik dit schrijf de hut speciaal is geopend voor klanten van ons. Die waren geïnteresseerd geraakt door de wandelbeschrijving op onze site. De hut was helaas nu -17 september- al dicht zo zag ik op de site van de reserveringscentrale. Onze klanten wilden toch wel heel graag, twee nachten achter elkaar met zijn vieren. Waarop ik de huttenwaardin een mailtje stuurde met de vraag of het klopte dat ze dicht waren op deze dagen? Dat waren ze, maar als ik -wij sturen er veel mensen heen, ik schreef het hierboven al op- vier mensen voor twee dagen had, zij het boekingssysteem wel wilde openen. En zo is het gebeurd. 
De vier dames zitten lekker twee dagen in de hut, zo vermoed ik. Leuk is dat. 


(Bijna) altijd gieren


Terug naar de website

zondag 7 september 2014

Het mooiste compliment

In de loop van de jaren heb ik een paar stukjes gepubliceerd waarin ik gewag maakte van wat ik "mishits"  noem. Mensen die bij ons op bezoek zijn geweest en met een niet 100% tevreden gevoel huiswaarts keerden en daar via de mail of anderzins blijk van hebben gegeven. Die 100% mag je rustig naar beneden bijstellen.
Die stukjes plaatste ik met een dubbel gevoel. Aan de ene kant is het een soort masochisme. Aan de andere loop je het gevaar dat plaatsing door lezers kan worden opgevat als een verhulde poging om die ontevreden klanten in de zeik te zetten. Maar het weergeven van die klantontevredenheid werkt ook als een soort catharsis. Want ik kan kletsen wat ik wil, als iemand die hier zijn of haar vakantie komt doorbrengen ontevreden is, zegt dat óók iets over ons. Over mij kan ik beter opschrijven, want al zijn er weleens klachten over Franka's onzichtbaarheid in het hoogseizoen (als zij hele dagen in de keuken staat) of in het laagseizoen (als zij 40 uur per week buitenshuis werkt), de score op de klanttevredenheids-index wordt toch vooral door mij in negatieve zin beïnvloed. Dus wat ik eerder al eens opschreef, het zijn ook leermomenten. 

Het is nu september en dat is traditiegetrouw de periode van het jaar waarin ik mailtjes krijg over verloren geraakte sokken, opladers en dat soort dingen, én, ongevraagd, een aanzienlijk aantal reacties van mensen die het gewone leven weer aan het oppakken zijn en terugdenken aan de bij ons genoten vakantie. 
Genoten schijf ik, in de betekenis van genieten, meer dan slechts "doorgebracht". Het is werkelijk ontzettend leuk om je mail te openen en daarin briefjes aan te treffen waarin simpelweg staat:

"Hartelijk dank voor je goede zorgen en gastvrijheid.
Tocht in de pyreneeen heeft grote indruk achter gelaten.
Muchas gracias"


En dat zo maar, zonder de aanleiding van zoekgeraakte rommel, of het opsturen van vakantiefoto's. Gewoon, delen, verder niks. 
Dat is hartverwarmend en zowel in kwantiteit -één mishit per jaar hebben wij, dit jaar was het een gevalletje met het besmeuren van een houten bank bij dorpsgenoten met afgewerkte motorolie- als in kwaliteit -de vader van de vermoedelijke dader was wel een béétje boos op mij toen ik suggereerde dat zijn zoon betrokken zou kunnen zijn geweest bij die vandalistische actie- overtreffen die positieve reacties vele malen de minder leuke ervaringen. Heerlijk!

Echter, het allerleukste compliment werd ons mondeling overgebracht door R. Hij was 5 jaar geleden al eens bij ons geweest en vertelde dat zijn gezin wel graag een keer terug wilde keren, maar enigszins huiverig was dat zij hun toenmalige verblijf hadden geidealiseerd. Die vakantiewijn die thuis tegenvalt, zeg maar. Dus na een paar keer twijfelen besloten zij dit jaar de gok te wagen. Bij het afscheid vertelde hij over hun huiverachtigheid. Er onmiddellijk aan toevoegend dat de werkelijkheid het ideaal had overtroffen. 

Napels zien en dan sterven, zo'n gevoel kreeg ik ervan. 

Terug naar de website