woensdag 17 september 2014

Pla de la Font


De laatste jaren sturen wij een hoop mensen naar refugi Pla de la Font. Dat doen we eigenlijk vooral omdat die refuge buiten het Nationaal Park Aiguës Tortes ligt. Buiten het park? Ja, buiten het park. 
Een beetje tegenstrijdig klinkt dat wel, want is dat nationale park nu juist niet ons Unique Selling Point? Ook wel, maar vooral in augustus is het daar toch wel druk. En die hut ligt net een klein stukje buiten de oorspronkelijke -willekeurig getrokken grenzen van het park. 
Ik zeg willekeurig omdat de ontstaansgeschiedenis van het nationaal park zulks verhaalt. Volgens de overlevering had een rijke meneer het vruchtgebruik verworven van de houtkap van de gemeenten Boï en Espot. Hij had dat gedaan omdat hij op de hoogte was van de plannen van de Franco-regering om stuwdammen te gaan bouwen in dat gebied. Daarvoor heb je hout nodig om steigers te bouwen, bekistingen te maken enz. Véél hout. 
Hij had echter niet gerekend op de slimmigheid van een niet-zo-erg-bevriende minister in de Franco regering. Die verklaarde dat gebied tot Nationaal Park. Weg kaprechten.
De kant waar Pla de la Font zich bevindt was niet bij dat handeltje betrokken (gemeente Son in dit geval) en werd daarom destijds niet tot Nationaal Park uitgeroepen. Zo eenvoudig kan het zijn.
Maar het heeft wel enorme gevolgen, zo'n grens die op de kaart wordt getekend. De Pla de la Font is hut die weinig aanloop heeft, relatief in elk geval. Het is er echter wél heel mooi, er zijn verschillende aan,- en aflooproutes, voor een deel hartstikke leuk en goed te doen met kinderen, je ziet er bijna altijd Vale Gieren, dus wat wil je nog meer? 

De pas vlakbij de refuge
Niks. 

Ik weet niet of het door de geringe aanloop komt, maar de huttenwaarden zijn ook nog eens ontzettend aardig. Zó aardig dat nu ik dit schrijf de hut speciaal is geopend voor klanten van ons. Die waren geïnteresseerd geraakt door de wandelbeschrijving op onze site. De hut was helaas nu -17 september- al dicht zo zag ik op de site van de reserveringscentrale. Onze klanten wilden toch wel heel graag, twee nachten achter elkaar met zijn vieren. Waarop ik de huttenwaardin een mailtje stuurde met de vraag of het klopte dat ze dicht waren op deze dagen? Dat waren ze, maar als ik -wij sturen er veel mensen heen, ik schreef het hierboven al op- vier mensen voor twee dagen had, zij het boekingssysteem wel wilde openen. En zo is het gebeurd. 
De vier dames zitten lekker twee dagen in de hut, zo vermoed ik. Leuk is dat. 


(Bijna) altijd gieren


Terug naar de website

zondag 7 september 2014

Het mooiste compliment

In de loop van de jaren heb ik een paar stukjes gepubliceerd waarin ik gewag maakte van wat ik "mishits"  noem. Mensen die bij ons op bezoek zijn geweest en met een niet 100% tevreden gevoel huiswaarts keerden en daar via de mail of anderzins blijk van hebben gegeven. Die 100% mag je rustig naar beneden bijstellen.
Die stukjes plaatste ik met een dubbel gevoel. Aan de ene kant is het een soort masochisme. Aan de andere loop je het gevaar dat plaatsing door lezers kan worden opgevat als een verhulde poging om die ontevreden klanten in de zeik te zetten. Maar het weergeven van die klantontevredenheid werkt ook als een soort catharsis. Want ik kan kletsen wat ik wil, als iemand die hier zijn of haar vakantie komt doorbrengen ontevreden is, zegt dat óók iets over ons. Over mij kan ik beter opschrijven, want al zijn er weleens klachten over Franka's onzichtbaarheid in het hoogseizoen (als zij hele dagen in de keuken staat) of in het laagseizoen (als zij 40 uur per week buitenshuis werkt), de score op de klanttevredenheids-index wordt toch vooral door mij in negatieve zin beïnvloed. Dus wat ik eerder al eens opschreef, het zijn ook leermomenten. 

Het is nu september en dat is traditiegetrouw de periode van het jaar waarin ik mailtjes krijg over verloren geraakte sokken, opladers en dat soort dingen, én, ongevraagd, een aanzienlijk aantal reacties van mensen die het gewone leven weer aan het oppakken zijn en terugdenken aan de bij ons genoten vakantie. 
Genoten schijf ik, in de betekenis van genieten, meer dan slechts "doorgebracht". Het is werkelijk ontzettend leuk om je mail te openen en daarin briefjes aan te treffen waarin simpelweg staat:

"Hartelijk dank voor je goede zorgen en gastvrijheid.
Tocht in de pyreneeen heeft grote indruk achter gelaten.
Muchas gracias"


En dat zo maar, zonder de aanleiding van zoekgeraakte rommel, of het opsturen van vakantiefoto's. Gewoon, delen, verder niks. 
Dat is hartverwarmend en zowel in kwantiteit -één mishit per jaar hebben wij, dit jaar was het een gevalletje met het besmeuren van een houten bank bij dorpsgenoten met afgewerkte motorolie- als in kwaliteit -de vader van de vermoedelijke dader was wel een béétje boos op mij toen ik suggereerde dat zijn zoon betrokken zou kunnen zijn geweest bij die vandalistische actie- overtreffen die positieve reacties vele malen de minder leuke ervaringen. Heerlijk!

Echter, het allerleukste compliment werd ons mondeling overgebracht door R. Hij was 5 jaar geleden al eens bij ons geweest en vertelde dat zijn gezin wel graag een keer terug wilde keren, maar enigszins huiverig was dat zij hun toenmalige verblijf hadden geidealiseerd. Die vakantiewijn die thuis tegenvalt, zeg maar. Dus na een paar keer twijfelen besloten zij dit jaar de gok te wagen. Bij het afscheid vertelde hij over hun huiverachtigheid. Er onmiddellijk aan toevoegend dat de werkelijkheid het ideaal had overtroffen. 

Napels zien en dan sterven, zo'n gevoel kreeg ik ervan. 

Terug naar de website

dinsdag 13 mei 2014

Ze zijn er wel, maar........

Aasgier                                                    

Na een afwezigheid van ongeveer zes jaar zijn de Steenarenden teruggekeerd op hun nest boven ons huis. Het plaatje hierboven heeft haast niks met steenarenden te maken, want het is een Aasgier. Toch wel. Nadat Franka het verhaal aan iemand waarmee ze conversatieles doet over onze Steenarenden had verteld, vertelde deze dame haar een geheim. Het geheim is dat er niet heel ver hier vandaan een broedend paartje Aasgieren zit. 
Elena, van die sterren, zie verhaaltje over Stralende Sterren is namelijk zwaar in de vogels. Zozeer zelfs dat zij haar baan heeft opgezegd. Ze werkte bij een natuureducatiecentrum hier in de buurt. Spanje 2014, baan opzeggen om meer tijd te besteden aan je hobby waarmee je ook proberen gaat geld te verdienen. Je moet maar durven. Of een klap van een vleugel hebben gekregen. 
Dat paartje Aasgieren is misschien nog wel bijzonderder dan die Steenarenden. Ze komen hier wel voor, maar bij ons weten pas vanaf een kilometer of 50 naar het Zuiden. Ooit zagen wij er een paar honderd tegelijk die aan de trek begonnen waren. Dat was zo bijzonder dat ik niet denk ooit op het net een betere foto te zullen vinden dan deze:
Aasgieren op trek naar Afrika

Voor de auteur bljkbaar bijzonder genoeg om te plaatsen, maar erg scherp is de foto niet. Wij zagen die beesten op hooguit tien meter afstand. Honderden achter elkaar vlogen over ons heen. Wat mij weer brengt op één van mijn eerste UFO's. Zo noem ik vogels die ik wel zie, maar niet herken. Ik zag iets zoals hierboven, maar dan ééntje. En in het boekje met "Vogels van West-Europa" was de enige grote vogel die ik kon vinden met zwart-witte vleugels, de Visarend: 


Visarend      

Maar die komt alleen voor bij water. Hij eet vooral vis, het zal u niet verbazen. Gelukkig las ik de volgende dag in de krant dat er in de Delta van Llobregat een paartje Visarenden was uitgezet. Weliswaar bijna 300 km hiervandaan, maar jarenlang heb ik toch gedacht dat mijn UFO een visarend was die verdwaald was......

Totdat wij een nieuw boekje kregen met álle vogels van Europa. Ook de gieren. Er komen in Europa vier soorten gieren voor, ook nog allemaal min of meer in onze buurt. En zo komt het dat ik vermoed dat die Aasgieren hier misschien al wel heel lang broeden. Zelf had ik er weleens twee tegelijk gezien hier vlakbij (nadat we die nieuwe gids in gebruik hadden genomen) en gedacht dat het verdwaalde vogels op trek waren. Met verdwalende vogels had ik tenslotte enige ervaring, meende ik. 

Maar waarom is het nu geheim dat er hier een broedend paartje Aasgieren woont? Dat komt door de gevoelig liggende verhouding tussen de Natuurbeschermers en de Jagers. Bij een officiële aankondiging van een nest met Aasgieren op een plaats die je niet verwacht, gaan de officiële Natuurbeschermers eisen dat er een niet-betreden zone wordt ingesteld. Dat willen de jagers niet, want het verkleint hun areaal. Dus bestaat de kans dat een toevallig passerende jager per ongeluk zo'n vogelpaar de schrik van hun leven bezorgt of erger. Vogels weg? Einde vogelbescherming. 

Het nieuwe pact luidt derhalve dat jagers eventuele bijzonderheden die zij ontdekken in het geheim delen met de officieuze dierenliefhebbers. Die trouwens best een officiële aanstelling kunnen hebben als boswachter, maar zij horen het "off record" en vertellen het niet door aan hun baas. 
Daarom weet ik nu dat er een paartje Aasgieren broedt vlak bij ons huis. Alleen weet ik niet wáár. En gaan wij ook niemand officiëel vertellen over dat paartje Steenarenden boven ons huis. Straks komt er een jager verhaal halen!

Terug naar de website

dinsdag 15 april 2014

Gieren

Zoals ik in een ander stukje schreef, komen er bij ons in de buurt vier soorten gieren voor. Vier, dat zijn precies alle giersoorten die in Europa voorkomen. De meestvoorkomende soort is de Vale Gier. De Vale Gier wordt meestal omschreven als een plank in de lucht. 



Dat komt vooral omdat de vleugels nagenoeg overal even breed zijn. Een relatief korte staart, haast geen kop omdat deze ingetrokken wordt tijdens de vlucht. Je ziet ze heel vaak in groepen. Als je meer dan twee erg grote vogels bij elkaar ziet, is het een Vale Gier. 
De tweede soort is de lammergier. Een stuk bijzonderder -tot voor kort alleen nog maar voorkomend in de Pyreneeën, tegenwoordig ook weer te bewonderen in de Alpen en de Cevennen waar ze zijn geherintroduceerd. 
De lammergier heeft in verhouding tot de lengte iets smallere vleugels die bovendien minder rechthoekig zijn. Bovendien is de staart in verhouding veel langer en enigzins wigvormig en afgerond. De kop in vlucht is niet ingetrokken. Dat maakt ook een stuk uit. 



De aasgier is beduidend kleiner en lijkt in vlucht het meest op de lammergier. Als we hem van dezelfde kant laten aanvliegen, zie je dat de staart korter is, maar wel dezelfde vorm heeft. De vleugels net een tikkie breder en de kopt wat kleiner. Over kleuren heb ik het niet, want in de meeste gevallen zie je nauwelijks meer dan het silhouet. Onze ogen zijn geen fotolens. 




Tenslotte de Monniksgier. Die was behalve op Mallorca alleen nog maar niet-uitgestorven in de Extremadura. Gieren kunnen eigenlijk niet fatsoenlijk vliegen, en al helemaal niet zonder thermiek boven zee, dus die Mallorcaanse vogels zijn ooit door een storm als een soor Robinson Crusoë aangewaaid. En kunnen daar dus niet meer weg. 
De Monniksgier is zwart, nog iets plomper dan de Vale Gier waar hij verder erg op lijkt. Op de grond is hij de baas over de andere gieren. Hoewel het perspectief iets verschoven is, laat ik hem hier zien in vleugelslag. Ik vind de foto te mooi. 

9 Foot Wing Span-img_9356.jpg

De Sierra de Boumort, iets naar het Zuiden, is de enige plek in Europa -de Wereld in feite- waar je kans hebt ze alle vier tegelijk te zien. Leuk!

Terug naar de website

Tim

voorjaar 2005

Onze Tim wil later wel tekenaar of beeldhouwer worden. Om de mensheid een beetje te laten wennen aan zijn stijl, publiceeer ik hier alvast een kunstwerk van de “jeugdige Tim van Noort”.



Vorige week een poging met hem ondernomen om iets van papier-maché te maken. Een kunstenaar moet experimenteren met verschillende materialen, dacht zijn vader. Binnen vijf minuten en acht keer tussentijds handenwassen gaf hij op. Hij houdt niet van plakkende vingers.

Een ander bijzonder talent is zijn opvliegende karakter. Vroeger als hij iets probeerde te tekenen en het resultaat niet geheel aan het beeld in zijn hoofd beantwoordde, verscheurde hij in elk geval de tekening, brak nog wat potloden en/of smeet de beker met kwasten door de kamer. En kreeg Franka (of ik, zijn zus of broer in deze volgorde) de schuld. En tegenwoordig is dit niet veel beter.

Op school daarentegen gedraagt hij zich alsof het welzijn van de totale mensheid afhangt van zijn gedrag. Sociaal tot de graad dat zijn juffrouw ons meldt dat zijn grootste probleem op school bestaat in het onvermogen om het iedereen naar de zin te maken. Ons Timmetje lijdt zichtbaar als er tevéél kinderen met hem willen spelen, zo rapporteert zij.
Op onze repliek dat hij wellicht dáárom zus, broer, vader en moeder (in deze volgorde) in de thuissituatie fysiek maltraiteert doet slechts een wenkbrauwfrons aan de andere kant van de tafel ontstaan. ¿El Tim? ¡No pot ser! (Tim? Dat bestaat niet!)
Vanavond ging ik hem ophalen van het voetballen. Alle kinderen keurig in hun jas, alleen Timmy zag ik aanvankelijk nergens. Na enige tijd ontdekte ik achter in de sporthal twee vechtende kereltjes waarvan één mijn zoon was. Oké, volgens zijn juf houdt hij wel erg van stoeien. Mijn zoon was echter op een op de grond liggende tegenstander aan het inschoppen.
¿Moet ik nou blij zijn dat hij gelukkig toch niet zo schijnbaar perfect is, of hem op zijn donder geven omdat hij een ander kind mishandelt?


Terug naar de website

Stralende sterren

Vandaag hadden wij bezoek van een vriendin van Franka met haar vriendje. Franka en Elena kennen elkaar van het gezamenlijk musiceren. Elena is in de vogels, dus toen zij hoorde dat de steenarenden na 6 jaar afwezigheid weer aan het broeden zijn op het nest boven ons huis, was zij gisteren komen kijken met haar ik weet niet hoe vaak vergrotende statiefkijker. Daarmee konden ze bij de steenarenden op de koffie. Vandaag had Elena die kijker wéér bij zich, maar de steenarend op het nest zat in de broedstand. We zagen alleen af en toe een stukje staart.
Het vriendje van Elena heet Kike. Hij is net gepromoveerd in de astrofysica en heeft - je zou bijna zeggen dus- geen werk. Kike heeft verstand van sterren en andere hemellichamen en heeft besloten te proberen op een andere manier dan door middel van de wetenschap daar een broodwinning in te vinden. Samen met iemand anders heeft hij een bedrijfje opgezet dat ter lering en vermaak workshops bij jou thuis komt verzorgen over de hemellichamen. Bij jou thuis weet ik niet helemaal zeker, maar bij ons thuis gaan ze het wel proberen komende zomer hebben we afgesproken.
Het aardige is dat onze regio recent door de UNESCO is uitgeroepen tot sterrenlicht-reservaat. Nu merk je daar verder weinig van, want er worden nergens hekken en bordjes geplaatst. Twintig jaar geleden, toen wij ook nog geen straatverlichting hadden in het dorp, lagen wij die eerste zomer met onze vrienden/vrijwilligers ons avond na avond te vergapen aan die imposante sterrenhemel. 
Nu weet ik waarom. Als je naar onderstaande afbeelding kijkt, weet jij het ook. Het is een kaart van Catalonië en een stukje Aragon en Zuid-Frankrijk van de lichtvervuiling. Wij wonen in het donkerblauwe gebied midden-boven. Rechtsbovenin dat donkere stuk, ten Oosten van dat oplichtende lichtblauwe puntje (Esterri d'Àneu). Donkerder is het nergens. Meer sterren zie je dus ook nergens. En we hebben 1100 m minder lucht tussen de ververwijderde lichtbronnen en onze kijkers.

carte de la pollution lumineuse en espagen basse resolution, sans toponymie

Dat wilde ik even kwijt. Leuk hé! Deze zomer wekelijks een avondje sterren kijken. Met toelichting van Kike.

Terug naar de website

San Pere de Burgal

Wie is  Hans Lemmen? Als je de link nog niet hebt aangetikt, vertel ik het. Hans Lemmen is een kunstenaar die onder andere tekeningen maakt waarin de wereld er net iets anders uit ziet. Hij maakt nog andere dingen ook, maar als je belangstelling is gewekt door onderstaande plaatje kun je beter zelf naar zijn website. Tenslotte kun je het beste zélf in dialoog met het werk, zonder dat daar allerlei gewauwel van mij als stoorzender tussen zit. 
©hanslemmen.nl

Hans was een paar jaar geleden bij ons op de camping en hij stuurde mij al eens foto's op die hij toen maakte. Sommige mensen zien iets anders terwijl ze naar hetzelfde kijken. 23 jaar eerder had hij hier ook al eens gereisd. Daarover schrijft hij onderstaand citaat als bijschrift bij een recente tentoonstelling. Ik kopiëer het omdat ik het een leuk verhaal vind:

"In de Spaanse Pyreneeën kan ik me, vooral vóór en tijdens de dagelijkse onweersbuien, goed voorstellen dat sommigen geloven in goden en reuzen. Die stel ik me voor lijkend op de robuuste gebeeldhouwde figuren aan de gevels van de Romaanse kerkjes. Ik probeer ze te zien in de tegenvormen van heuvelruggen en bergen in de lucht.

Mijn reisgenoot en ik staan in de dakloze ruïne van een 9e-eeuwse kloosterkerk. De lucht betrekt dramatisch en ik spring met mijn camera in het rond.

Alleen het koor van de kerk heeft nog een dak en werd ooit dichtgemetseld om als kapel dienst te kunnen doen. Eén zonnestraal breekt plotseling door en verlicht plaatselijk de muur, als een roosvenster dat van binnenuit verlicht wordt. Het duurt maar even, dan barst de regen los. Op een gegeven moment regent het zo hard, dat de regendruppels als witte buisjes in slow motion uit de lucht lijken te dalen. Nooit eerder zag ik het pijpenstelen regenen.

In heb het koud en wil naar de auto voor droge kleren en volg het bergpaadje dat een bergstroompje is geworden. Eenmaal behaaglijk in de auto zittend schrik ik op. Vlak vóór me in de regen, zie ik het silhouet van een man met en kap op en een staf in de hand: een monnik! Hij kijkt naar mij maar ik zie zijn ogen niet.  Dan komt hij naar mijn raampje. Het blijkt een bezorgde wandelaar in regencape, die vraagt of ik misschien boven bij de ruïne zijn vrouw heb gezien.


Ik heb nooit geweten waar het precies was.  23 jaar later was ik voor het eerst weer terug in de Pyreneeën en we stonden op een camping. Toen ik het verhaal aan de campingbaas vertelde, zei deze dat de ruïne daar twee kilometer vandaan was: Monasterio de Sant Pere del Burgal."

©hans lemmen

Binnenkort moet Tim een werkstuk inleveren over het Romaanse erfgoed in onze omgeving. Daar hebben wij van alles van. Om te beginnen de kerk naast ons huis. Maar ook dat klooster. Om hem een beetje te proberen te motiveren bezoek ik deze vakantie met hem cultureel erfgoed. Als vader lijkt het me leuk als hij het verslag van onze excursies zou weten te larderen met een dwarse blik. Zoals Hans. 

Terug naar de website