maandag 19 september 2016

Cultuur of beschaving: Oriëntatie

Oriëntatie

Dit stukje gaat over oriëntatie en doet verslag van het aanvullende argument wat mij heeft doen besluiten om te stoppen met huttenreserveringen te doen voor mensen die geen bergwandelervaring hebben. Daarover schreef ik gisteren dit stukje: Evalutie

Een stukje geschiedenis

Als brugpiepertje kreeg ik les van Huib de Ruijter, leraar geschiedenis. Een oude man, vond ik vanuit mijn twaalfjarige perspectief. Hij overleed een jaar later als (begin zelfs, geloof ik) dertiger. De begrafenis maakte veel indruk op mij. Er waren ontelbaar veel mensen, want Huib was een geliefde man. 
Bij mij ook, want het was een keigoeie leerkracht. Dat zei je toen nog niet, en nu misschien niet meer, dat weet ik eigenlijk niet. Het inmiddels overjarige brugpiepertje Jaco van Noort heeft nog altijd een leuke herinnering aan Huib de Ruijter, de te vroeg overleden leerkracht. Op zeker moment vroeg hij onze klas naar de definitie van "Cultuur". Dat wist de klas niet, maar het brugpiepertje herinnerde zich dat Huib tijdens de eerste les het object van het vak geschiedenis had gedefiniëerd en daarbij de omschrijving van Cultuur had gebruikt. IJverig bladerend in zijn schriftje vond brugpiepertje de aantekening terug. Het stond uiteraard op de eerste pagina, net iets boven de helft: "Cultuur of beschaving is het geheel van materiële en immateriële verworvenheden van de mens." Wikipedia gebruikt 45 jaar later ongeveer dezelfde definitie. 
Meneer de Ruijter, wij noemden leerkrachten niet bij hun voornaam, gaf het brugpiepertje een compliment. Hij zei tegen de klas: "Het is niet zo heel erg als je iets niet (meer) weet, maar het helpt enorm als je in elk geval weet waar je het kunt vinden. Goed gedaan, brugpiepertje!"  Ongetwijfeld glimmend van trots heeft het brugpiepertje de definitie van cultuur voor eeuwig in zijn hersenen opgeslagen. Dat was de mooi meegenomen collateral damage. 
In feite was het compliment groter dan de leerkracht kon bevroeden, want het bevestigde voor mij een onderdeel van mijn persoon(lijkheid), namelijk de manier om om te gaan met nieuwsgierigheid. Zolang ik mij kan herinneren vind ik het leuk om kennis op te zuigen en die kennis te "processen". De encyclopedie bij mijn ouders thuis, de Bosatlas (daarover later meer), het woordenboek en tegenwoordig Internet. En de Bosatlas ook nog af & toe. Ik vind het nog steeds heerlijk om dingen die ik niet weet te ontdekken en vragen te stellen bij dingen die ik wel -(denk te) we(e)t(en).

Kaarten

Door dat eindeloze gesnuffel in die Bosatlas ga je op een bepaalde manier kijken. Wij hadden er trouwens twee thuis. De eerste kwam binnen in klas twee van de lagere school toen mijn zus naar de middelbare school ging en de tweede was van mij, omdat die van mijn zus inmiddels verouderd was. En dat was ook zo, want tussen '67 en '72 had de Bosatlas een modern jasje aangetrokken met veel meer aandacht voor sociale en economische aspecten. De invloed van de sociale geografie naast de topografie. Waardoor die atlas nóg leuker werd om in te kijken.
Al bleef het heerlijk om weg te dromen. Bij bergen, dat vooral. Ik zal een jaar of 8 geweest zijn toen ik van alle continenten de hoogste toppen kende. Mét de bijbehorende hoogtes uiteraard. En ik het oerstom vond dat de Mont Blanc de hoogste berg van Europa werd genoemd. Dat is nl. de Elbruz (verschillende spellingen) in de Kaukasus. Ruim 800 m meer dan de Mont Blanc.


Mount Elbrus May 2008.jpg
De Elbrús, 5642 m

In hoeverre dat te maken heeft met de liefde van Europa voor het Oosten? Ik weet het niet. 
Kaarten zijn kortom leuk, geweldig leuk zelfs. Eén van mijn zwakke punten is dat ik denk dat als ik iets leuk vind, iedereen het leuk vindt. Dat klinkt nogal onnozel, en dat is ook zo, maar zo zit ik toevallig in elkaar. 
Het heeft onder andere tot gevolg dat ik denk dat iedereen een beetje kaart kan lezen. Dat is niet zo, zo zal verderop blijken. 



Verloren gelopen!

Vorig jaar had ik voor een gezelschap een huttentocht geregeld. Eén hut, makkelijke aanloop en niet al te lastige tweede dag. Er staat wel een waarschuwing bij de beschrijving:

Voor de afdaling goed opletten. Vanaf de Pinetó begin je de afdaling in zuidwestelijke richting, zeer steil, over een route die door gele stippen en steenmannetjes is aangeduid. Eerst ga je over puin en rots, vervolgens daal je in west-noordwestelijke richting de groene helling af. Je blijft de steenmannen volgen.

Dit gezelschap is in plaats van west/noordwest (je kunt twisten of er niet beter: noord/noordwest had moeten staan) zuid/zuidwest een ander dal ingelopen. Dat is niet een beetje de verkeerde kant op, dat is 100% de verkeerde kant op. 
Bepaald niet ongevaarlijk, ze hebben doodsangsten uitgestaan. Het oudste lid van het team zei me letterlijk: "Ik hoop zoiets nooit meer in mijn leven te hoeven meemaken!" en daar keek hij niet erg opgewekt bij. 
Gelukkig goed afgelopen. 

Padvinders


Sindsdien ben ik extra attent voor én die bewuste tocht én de hoedanigheden van de mensen die hem gaan lopen. Deze zomer heb ik nog meer dan voorheen mijn ultieme advies uitgevent: "Als je het niet meer weet, ga terug tot je het pad weer hebt!"

Desondanks kreeg ik deze zomer tot twee keer toe te maken met mensen met oriëntatieproblemen, en één keer werd me zelfs verteld dat de beschrijving niet goed was. Hoewel mijn zus, verantwoordelijk voor de beschrijving, super consciëntieus is en haast geen fouten maakt, kán het wel, dat zij zich heeft vergist. Ze blijft een mens. Daarom besloot ik na het aanhoren van dat verhaal zelf de wandeling te gaan herhalen. Met de beschrijving in handen en zo mogelijk de blik van een leek.

Daarvoor zou ik echter pas na de zomer tijd hebben.

Kaart lezen is niet helemaal mijn ding

Rond 10 augustus meldde zich een gezin waarvoor ik een tweedaagse huttentocht had gereserveerd. Deze dus, zo bleek. De moeder en dochter wilden gaan wandelen, de zoon en vader bleven op de camping die dagen, dat was het plan. 
Opletten! Want een gezelschap van twee is weinig. Eén verstuikte enkel en je zit zwaar in de problemen. 
De moeder zei dat ze er heel veel zin in had, maar ze had gelezen dat de oriëntatie hier en daar lastig was, en daar was ze niet zo goed in, zei ze. En dochter evenmin. Extra opletten!!!

Thuis best

Dus ik zeg: "Laten we het even uitzoeken, jullie vermeende gebrek aan oriëntatie. Er is een veel makkelijker (qua lopen én qua oriëntatie) alternatief voor die tweede dag, als het echt zo droevig is als jullie zeggen, kun je dat gaan doen. Misschien valt het allemaal reuze mee. Luister.........."

"Vraag 1: We zitten hier lekker op het terras, waar is het Noorden?" Die was te moeilijk. 
"Vraag 2: Kunnen jullie de windrichtingen vertellen?" Dat lukte na een paar minuten met zijn vieren. Noord, Oost, Zuid, West. "Goedzo" zei ik. 
"Vraag 3: Waar komt de zon op?" Die leidde tot discussie, dus heb ik het verteld. 
"Vraag 4: Hoe draait de zon?" Die leidde tot meer discussie, dus heb ik het verteld. 
"Vraag 5: Nu jullie weten dat de zon in het Oosten opkomt en in het Westen ondergaat, kunnen jullie nu zeggen waar het Noorden is?" (Het was half 3, de zon brandde op onze hoofden.) Dat konden ze niet, dus heb ik het verteld. 

Inmiddels was Tim erbij komen zitten. 

"Vraag 6: (Ik had een kaart gepakt.) Kunnen jullie op deze kaart aangeven wat het Noorden is?" Dat konden ze niet, dus heb ik het verteld. 
"Vraag 7: Kunnen jullie aangeven op deze kaart waar we nu zijn?" Dat konden ze niet, dus heb ik het verteld. 
"Vraag 8: (Inmiddels had ik uitgelegd dat het handig is om de kaart waarvan de bovenkant het Noorden is zo neer te leggen dat deze bovenkant naar het Noorden "kijkt".) Nu jullie weten dat op een kaart normaal gesproken het Noorden de bovenkant is, jullie bovendien weten waar we zijn op de kaart, kunnen jullie nu aanwijzen op de kaart waar die bergtop is?" Ik wees op de Piu de Linya, vanaf ons terras zichtbaar als een min of meer alleenstaande schijnbare vulkaankegel. Richting pal West, afstand haast 10 km, 2858 m hoog. 

Zij wezen na enige discussie op de kaart de Puig Ansal aan. Richting pal Zuid, afstand 500 m, 1469 m hoog. De pijltjes op de foto hieronder geven het weer:




Tim en ik hebben hen geadviseerd het makkelijker te vinden alternatief te lopen de tweede dag van hun huttentocht. 
  
Belachelijk?

Het bovenstaande waargebeurde voorbeeld heb ik niet opgeschreven om eens lekker te lachen om een stelletje idioten. De bedoeling van het opschrijven zit hem er vooral in te adstrueren dat niet iedereen, zoals Tim en ik bijvoorbeeld, de vaardigheid heeft ontwikkeld om kaarten te kunnen interpreteren. Geen belangstelling of wat dan ook, dat doet er niet zoveel toe. 
Het laat ook zien dat onze aanbeveling: "Neem altijd een kaart en een kompas mee als je gaat wandelen" in zulke gevallen absoluut geen zin heeft. Als je kaarten op zijn kop houdt, afstanden met een faktor 20 verkeerd interpreteert, geen flauw idee hebt dat al die streepjes hoogtelijnen zijn die het landschap dat je om je heen ziet leesbaar maken, dan heb je niks aan een goede topografische kaart 1:25000. 

Voorzichtige conclusie

Inmiddels heb ik de door mijn zus beschreven tocht nagelopen met de bril van een leek, om te checken of er geen fouten in de beschrijving staan. 

De bril van een leek? 

Tijdens die wandeling zijn Suus, Tim en ik ons bewust geworden van het feit dat ervaring zich onder andere omzet in verwachting. We hadden geen van drieën ooit dat specifieke tracé gelopen, maar met af & toe een vluchtige blik op de kaart voedt je het "lezen" van het landschap. Je construeert een beeld van hoe het pad loopt, en checkt dat in het hier & nu. Je verwacht dat het pad, gegeven de terreinomstandigheden een bepaalde route zal volgen, en leest daarmee de kaart. Je kijkt dus niet 360 graden om je heen, je begint te scannen op steenmannetjes daar waar je ze verwacht. En meestal klopt dat, en vind je ze snel. Je voedt elkaar met informatie en wijst elkaar op details die de ander zijn ontgaan.
Als er een splitsing in het pad komt, weet je dat van tevoren. Je kijkt in het terrein waar die splitsing zou kunnen zijn en bent bedacht op het missen ervan wat je de verkeerde richting op zou kunnen laten gaan.  
Dat is het voordeel van ervaring. Ervaring kun je echter met de beste beschrijving niet compenseren. 
Als je naast het gebrek aan ervaring ook niet gevoed kunt worden door het omzetten van het kaartbeeld naar het landschap en andersom, loop je eigenlijk in een doolhof. 
Dat kan vervelende consequenties hebben. Het is hier in de zomer meestal mooi, helder weer. Maar je kunt ook in een onweer met hagel terechtkomen, met tot het vriespunt dalende temperaturen en storm. Als je jezelf dan bezeerd, verworden die leuke bergen van een "Parc de Aventura" in een zeer vijandige omgeving. En er zijn in de bergen géén vriendelijk lachende begeleiders zoals in dat avonturenpark.

Ook dáárom wil ik geen huttentochten meer reserveren voor mensen die nog nooit in de bergen hebben gelopen. Begin eerst eens met een paar dagtochten!

Terug naar de website

Evaluatie

Het seizoen is afgelopen

Tijd voor reflectie, het seizoen is afgelopen. Het was dit jaar erg druk. Te druk? Ik denk het wel. Op je tenen lopen is prima voor een paar dagen, maar als je dat weken achter elkaar doet, word je een beetje een zombie. Dat moet dus anders, want zoals een Spaanse vriend mij zei: "Se puede morir de exito también". (Je kunt ook doodgaan aan succes, letterlijk vertaald.)   

Huttentochten

Eén van de dingen die achteraf gezien te goed zijn gegaan, was het organiseren van huttentochten, en dan met name huttentochten voor mensen zonder wandelervaring in de bergen. 
Een voorbeeld. Ik kreeg op zeker moment een mailtje met het verzoek om een huttentocht te organiseren, deze:

4.11 Huttentocht dwars door het Nationaal Park (4 dagen)




Route: Refugi Conangles - Port de Ruis - Refugi dera Restanca - Coret d’Oelhacrestada - Montardo - Refugi Ventosa i Calvell - Coll de Contraix - Refugi Estany Llong - Portarró d’ Espot - Estany de Sant Maurici - Espot. De route volgt de eerste anderhalve dag het pad van de GR 11 met de bekende rood-witte bewegwijzering.
Duur: 4 dagen. Per dag ongeveer 6 uur, exclusief pauzes.
Zwaarte: Gemiddeld. Het steile traject met blokken en puin naar de Coll de Contraix (2750 m) op dag 3 (zie foto) is niet geschikt voor onervaren bergwandelaars.
Seizoen: Eind juli-september. Neem de Coll de Contraix niet als er sneeuw ligt of bij slecht weer.


In verband met de logistiek begon dit gezin uiteindelijk cold turkey aan het project. Ze kwamen met de trein en ik heb ze door een taxi laten afzetten aan het begin van de tocht om onnodig geheen & weer te vermijden. Daar sliepen zij de eerste nacht in de hut die daar is om de volgende ochtend dag vroeg uitgerust & fris te kunnen beginnen met wandelen. 
So far so good, leek mij. 

Wandeltijden

Op onze site staat duidelijk dat wij de wandeltijden netto aangeven. Zowel bij de algemene informatie als regelmatig bij de beschrijvingen zelf. Voor de duidelijkheid heb ik in bovenstaand kopietje de kleur veranderd. Exclusief pauzes, staat daar. 
In het onderhavige geval kun je bij ons het volgende lezen:

Routebeschrijving

Dag 1: Refugi Conangles - Port de Rius - Refugi dera Restanca (15 km, 975 m stijgen / 600 m dalen, 6 uur)

De hut zelf is iets optimistischer:

Los Refugios cercanos son:


· Molieres (libre) 3h. - Restanca 4,30h. - Renclusa 8.30h. - Besiberri (libre) 3h. - Anglios (libre) 3,30h.


Dat is heel vaak zo met Spaanse wandeltijden. Wij hebben onze tijden bewust aan de ruime kant gehouden, vanuit het idee dat het leuker is om ietsjes sneller te zijn dan je had verwacht. Ingebouwd "feel good" kun je het noemen.  

Er klopt niks van!

Het gezin waarvoor ik bovengenoemde tocht had geregeld, meldt zich na het afsluiten daarvan bij ons. Meestal vragen wij dan "Hoe was het?". Niet uit geveinsde belangstelling, gewoon, de meeste mensen vinden het leuk om te delen. Hier wandelen is écht prachtig, dus die vraag is een inkoppertje. Nog meer feel good, door te kunnen delen in dit geval. 
Die kans voor open doel pakte nu even iets anders uit. Delen wilde die meneer wel, maar dan zijn frustraties. Dat is ook goed, al heb ik wel een persoonlijk probleempje, eerlijk gezegd. Ik ben dol op frustraties als ik er iets aan kan doen om ze te verlichten of beter nog, op te lossen. 
Meld aan mij dat je auto stuk is en ik ga gemotiveerd aan de slag, zeg maar. Niet met sleutelen, maar met de garage bellen voor de duidelijkheid. Onze lieve heer heeft mij echter niet zo ruim bedeeld met empathische vermogens wanneer ik denk dat mijn gespreksgenoot geen "objectieve" grond heeft om gefrustreerd te zijn. 
Elf uur hadden ze erover gedaan. Elf uur meneer! Ze waren te laat aangekomen voor het avondeten. Er klopte helemaal niks van die site, en die borden die die Spanjaarden geplaatst hadden, waren zo mogelijk nog erger, meneer! En dat hadden een paar Engelsen die ze hadden ontmoet en die wél bergwandelervaring hadden bevestigd!!! Nou, vooruit dan, de door ons aangegeven tijd voor de vierde dag was wel zo'n beetje in orde. 

Kletspraatjes?

Tsja, daar zit je dan met je "feel-good-policy". Elf uur onderweg als je de dag daarvoor uit de trein bent gestapt, is best lang, dat snap ik nog net. Maar mijn zus, heeft op haar 59e die tocht gelopen. Mijn zus heeft heel veel gewandeld, ook in allerlei groepen en wéét van zichzelf dat ze een gemiddelde snelheid heeft, of iets minder dan gemiddeld. Dat is reuze handig als je voor anderen aan moet geven wat de wandeltijden zijn en ik heb dan ook een onbegrensd vertrouwen in de tijden die zij heeft vermeld. 
In plaats van onze site op de schop te nemen en boos te bellen naar de verantwoordelijke instanties van die Spaanse bordjes om op hoge toon te eisen dat ze die onmiddellijk vervangen, repliceer ik dat die tijden gewoon kloppen voor de doorsnee wandelaar. Dat wandeltijd niet hetzelfde is als het aantal uren dat jij onderweg bent, netzomin als de tijd voor het traject Utrecht CS-Amsterdam CS die je op Google Maps kunt opzoeken altijd 27 minuten is. In de praktijk staat die trein soms een tijdje stil. Door een storing, bijvoorbeeld. Daar kan Google Maps niet zoveel aandoen. Ook niet als jij in de stoptrein bent gestapt, want dan duurt het 54 minuten.


Nog een voorbeeld

Elders op onze site wordt deze route vermeld:

4.2 Circ de Colomer-Saboredo-Vall Gerber(3 dagen)

Route :Circ de Colomers - Refugi Colomers - Coth Cendrosa - Refugi Saboredo - Lac Coll Glaçat - Vall Gerber 
Duur: Dag 1: 5 uur, dag 2: 3 uur 15 (+ 2), dag 3: 6,5 uur, exclusief pauzes

Het gaat hem hier om dag 3. 6,5 uur staat daar. Spanjaarden zien dat een tikkeltje anders:

Ruta a pie
Dificultad técnica: Alta
Distancia: 7,9 km
Tiempo efectivo: 2 horas 55 minutos
Desnivel subida / bajada: +785 m. / -390 m.


Deze tijd is ook nog eens andersom. Bij ons loop je die 785 hoogtemeters naar beneden en stijg je de 390 m. Met mijn zus heb ik in zulke gevallen soms wat frictie: "Is dat niet een beetje erg lang, die 6,5 uur? Ik denk dat 4-5 uur ruimschoots voldoende is." In de meeste gevallen laat ik het toch staan, een enkele keer knabbel ik er hooguit een half uur af. Feel good is het devies, tenslotte. En zij heeft er verstand van en recent die tocht gelopen.
Deze zomer kwamen er -andere- mensen terug van deze tocht met het commentaar: "Je hebt ons wel een marathon laten lopen die laatste dag! We zijn bijna 9 uur onderweg geweest!!!"

Tsja, dan zit ik daar alwéér.

Met goede vrienden, ook ervaren wandelaars, heb ik gisteren afgesproken elkaar over een paar dagen halverwege toevallig deze wandeling te ontmoeten, waarna we verder zullen gaan naar de Vall de Cabanes. Half elf is de afspraak. Gebaseerd op onze gezamenlijke verwachting dat als zij om 9 uur  vertrekken uit de hut en ik een half uurtje eerder aan de andere kant we ongeveer tegelijk zullen aankomen. Alle drie 55+, geen bijzonder goede conditie. Dat betekent dus dat wij denken op grond van onze ervaring in totaal 3,5 uur over de wandeling te doen. Het ontmoetingspunt is zo ongeveer het hoogste punt, dus we doen alleen de stijgmeters........

  
Communicatie

Denk ik dat die mensen in de voorbeelden die ik geef gek zijn? Allerminst. Denk ik dat die Spaanse bordjesplaatsers niet goed bij hun hoofd zijn? Ook niet. Denk ik dat mijn zus, mijn vrienden en ik topsporters zijn? Nee. 
Wat ik vooralsnog denk is dat er een probleem is in de communicatie. Die Spaanse bordjesplaatsers hanteren tijden die ik voor mezelf hanteer. Dat betreft ervaren wandelaars die de pas er flink inhouden. Dat is voor de meeste mensen te snel, en daarom staan die tijden niet bij ons op de site. 
Mijn zus hanteert tijden die goed haalbaar zijn voor mensen die iets rustiger, maar wel dóór, lopen. 
De eerste groep hanteert in plaats van wandeltijd de totale verplaatsingstijd. Wij hebben wandelingen op de site staan die een enkele uitzondering daargelaten de 6 uur nooit te boven gaan. Dat is gebaseerd op het idee dat als je 's ochtends om negen uur vertrekt, en in de loop van de middag in de volgende hut wilt zijn, dat met een paar pauzes precies uitkomt.
Maar het is er wél op gebaseerd dat je als je wandelt, je niet stil staat. En ik denk dat in die ogenschijnlijke open deur het probleem zit. Mensen zonder wandelervaring in de bergen staan vaak stil. Om te genieten, maar ook om op elkaar te wachten, een praatje te maken enzovoorts. En ik weet niet hoe ik moet uitleggen aan mensen zonder ervaring dat ze wel dóór moeten lopen. 

Conclusie

Het is niet prettig, zelfs niet voor een empathisch onderbedeeld persoon als ik, om mensen  gefrustreerd te zien terug keren van een huttentocht. Het is voor de mensen die gefrustreerd zijn zelf ook niet zo leuk. 
Dat heeft mij voorlopig in elk geval tot het besluit gebracht dat ik stop met het organiseren van huttentochten voor mensen zonder bergwandelervaring. Zonder te kunnen inschatten hoe jouw snelheid, oriëntatievermogen enz. zich verhoudt tot het gemiddelde, vind ik het een te gevaarlijke onderneming. Ga eerst maar eens een paar dagtochten doen, dan praten we verder.  

Terug naar de website

zaterdag 23 juli 2016

Een nieuwe hut?

Refugi Cabanes?

De vallei van de Riu de Cabanes (meer beek dan rivier eigenlijk) is van een werkelijk, ja welk bijvoeglijk naamwoord kies ik?: adembenemende? (hoog cliché-gehalte), spetterende? (beetje popi), uitzonderlijke? (beetje saai), schoonheid.  Mooie vallei, dus maar. 

Onbemind

De Vallei van de Cabanes ligt net niet in het Nationaal Park Aigües Tortes i Estany de Sant Maurici, maar in de zgn. zona periferica. Ook zonder vertaling wel duidelijk wat hier bedoeld wordt. 
Die bergen weten niet zo goed waar mensenhanden op kaarten grenzen tekenen, dus het onderscheid tussen het échte Nationaal park en de perifere zone is niet zo scherp afgetekend in de werkelijkheid. Om niet te zeggen volstrekt onzichtbaar. Zelfde graniet, zelfde vegetatie, zelfde fauna, Auerhoenen incluis. 
De vallei kun je beter "Cirque" noemen. Rondom rijzen in een halve cirkel bergen op tussen de 2600 en 2900 m terwijl de bodem van de cirque tussen de 2000 en 2300 m ligt. In dat relatief vlakke door gletsjers gemodelleerde bassin zijn een stuk of tien meren en meertjes. 
Een landschap wat je overal in het Nationaal Park in vele variaties aantreft. Maar deze vallei kent haast niemand. Waarom eigenlijk?

De mata van Valencia

Niemand? Dat is een beetje overdreven. De toegang van de cirque wordt afgeschermd door het grootste sparrenbos van het Iberisch schiereiland, de Mata van Valencia. Volgens sommige plaatselijke paddenstoelenzoekers de beste vindplaats voor rovellons (de waarschijnlijk populairste paddenstoel alhier) van, wederom, het Iberisch Schiereiland. Dus in de herfst kom je er wel wat volk tegen, maar niet boven de boomgrens, want rovellons groeien in het bos. 
Als je een Spar omhakt, heet het hout in Nederland ineens vuren. Hier in Spanje niet. Als je een Abeto (zo heet die spar hier) omzaagt, heet het hout nog steeds, inderdaad abeto Voor grenen geldt iets soortgelijks. Ooit wel eens van een Grenenboom gehoord? Ik ook niet. 
Bij de spar wordt het overigens wel erg bont gemaakt. Als je een spar als jong boompje omzaagt en met kleurige lampjes versiert, heet die spar ineens dennenboom. Althans, zo wil het kerstgebruik dat. Kerstbomen zijn sparren. Merkwaardig. 
Vurenhout is in Nederland populair als geriefhout en wordt ook constructief gebruikt. Bij de Gamma en aanverwanten is het meeste hout vuren, sparren dus. In Spanje kijken ze iets minder vaak in de portemonnaie, want hier bestaat een sterke voorkeur voor pino, grenen, het hout van de grove den. Grenen is iets duurder dan vuren. Maar ook duurzamer. In het bouwvak wordt hout in duurzaamheidsklassen ingedeeld. Dat heeft dan weer niks te maken met wat mensen tegenwoordig onder duurzaam verstaan. Grenen is sterker en beter bestand tegen vocht, schimmelaantastigen en dergelijke.
Voor de Mata heeft dat gunstige gevolgen gehad, want deze is daardoor relatief met rust gelaten door de houtvesters en brandhoutverzamelaars. Voor de openhaard prefereert men loofhout van bijv. eiken en steeneiken. En anders pino.
Daardoor is de Mata nog geen echt oerbos, maar het maakt wel een zeer natuurlijke indruk.  
Leuk bos, dus. 

Vroeger niet en nog steeds niet

Goed, een paar paddenstoelenzoekers dus in de herfst. In de zomer komt er ook haast geen hond, want de Vall de Cabanes ligt in de perifere zone. En, en nu komt het, de infrastructuur voor natuurliefhebbers schiet tekort. Althans, dat hebben Tim en ik vanavond bedacht. 
Aan het begin van de Vallei ligt een refuge, maar dat is zo'n nepding. Het is een verbouwde herberg die tot voor een paar jaar stijf aan de weg lag. De hoofdweg over de Bonaigua-pas. Daarvan is het tracé inmiddels een beetje verlegd, maar hemelsbreed is het maar een stukje. 
En een berghut waar je met de limousine kunt voorrijden, is geen berghut. Zo voelen wij dat. Je moet er wat voor doen. Bovendien is die "hut" nét te ver van andere hutten verwijderd om een aantrekkelijke huttentocht te maken bijvoorbeeld. 

Cabanes

In het Catalaans betekent "cabanes" zoiets als herdershutjes of refuges. En laat dat nou net hetgeen zijn dat in de Vall de Cabanes ontbreekt. En het zou zo'n geweldige toevoeging betekenen voor de wandelmogelijkheden in die vallei. Op ruim 2200 m, naast 
het Estany Negre de Cabanes zien wij het wel zitten om een hut te bouwen. 


Estany Negre de Cabanes


Hierboven het uitzicht vanuit onze hut. Er zijn beroerdere plekken om 's ochtends je ogen uit te wrijven. 

En verder?

Door de strategische ligging in het midden van die cirque, kun je 5 of 6 kanten op richting andere hutten en/of de bewoonde wereld in een uurtje of vier lopen. En wordt het aanbod aan interessante wandelingen flink uitgebreid. Bovendien kunnen  een paar andere hutten die nu nog een tikkeltje geïsoleerd liggen veel interessantere aan,- en aflooproutes aanbieden.
Joep, die een jaartje studieverlof heeft opgenomen, kan mooi meedoen in de planvorming om een leuk duurzaam gebouwd en geëxploiteerd ding van te maken. Dan moet hij wel opschieten, want Tim was meteen al zo enthousiast -net als ik- dat het eerste ontwerp al geschetst is. 

En nog verder?

Wat ons slechts rest is de autoriteiten zo gek te krijgen met ons mee te denken. De vroegere burgemeester van de gemeente waar de Vall de Cabanes deel van uitmaakt is de vader van een vriendje van Tim, da's jammer, dat vroegere, anders konden we morgenvroeg gelijk beginnen.  
De Spaanse burokratie vereist doorgaans enig doorzettingsvermogen, maar het zou toch leuk zijn als Tim op zijn 25e die hut zou kunnen openen, of iets eerder. Nog leuker!

Terug naar de website

woensdag 8 juni 2016

Pamperen, patella luxaties & hunebedden

Buitenlandse woorden

Als u de Belgische nationaliteit heeft, leest u vermoedelijk "pamperen" met de "a" uitgesproken zoals in "bal". Ingeval van Nederlanderschap met de "è" zoals in "bel". Persoonlijk vind ik de "bal-a" mooier passen bij hetgeen uitgedrukt wordt, een beetje zacht en omfloerst. Ik heb ook de indruk dat Vlamingen het woord vaker gebruiken, maar dat is geen statistisch onderbouwde uitspraak. 

Hoe zou het eigenlijk komen dat onze Vlaamse broeders, veel meer dan Nederlanders, schaamteloos woorden assimileren? Is het een gevolg van onderdrukking? Juist een vorm van verzet? Gaan Nederlanders prat op hun kennis van over de grens, of hebben ze te weinig zelfrespect om een woord uit te spreken volgens de regels van hun eigen taal? Pam-per heeft een gesloten lettergreep en zou in het Nederlands uitgesproken horen te worden zoals ze dat in Vlaanderen doen. Nederland/Vlaanderen, je schrijft die woorden niet voor niks op die ma-nier. 

Patella luxatie

Gisteravond, toen ik al in bed lag, kreeg ik een mailtje met een spoedeisende kwestie. Een moeder mailde me dat haar zoon tijdens een wandeling in het Nationaal Park gevallen was en daar een, naar het zich liet aanzien, Patella luxatie aan had overgehouden. Misschien dom van me, maar ik wist niet precies wat dat was en had weinig zin om het te gaan uitzoeken, de slaap lokte. 
Nu klinkt het best ernstig, een Patella luxatie en met de omringende vragen over ambulances e.d. voelde ik mij verplicht de kwestie serieus te nemen. Er was daarnaast ook sprake van een voortraject.

Ongeveer een maand geleden kreeg ik van diezelfde moeder een mailtje. Zij was hier vorig jaar geweest en wilde, nu haar zoon met een paar vrienden een huttentocht zou gaan maken wat adviezen. Dat mailtje kwam 's middags om half zes binnen en de beantwoording vergde spoed. Nog diezelfde avond zouden de 6 ouders/verzorgers met de drie achttienjarigen een voorbespreking hebben over hun vakantie. 


Een goed advies

Nu krijg ik tientallen adviesvragen per jaar en dat vind ik vaak behoorlijk lastig. "Kunnen mijn kinderen deze tocht aan?" is een klassieker. Tsja, weet ik veel? Al onze wandelbeschrijvingen geven aan hoe lang een normaal, niet speciaal getraind persoon, ongeveer onderweg is. Dat kan uw kind dus ook, binnen die randvoorwaarden. De manier waarop die vraag meestal gesteld wordt, wekt bij mij echter het idee dat niemand zit te wachten op het secce antwoord: "Ja". En al helemaal niet als ik dan in de tweede alinea lees dat die "kinderen" resp. 25, 23 en 17 jaar oud zijn. Dan begint de conditie van de 50+ ouders belangrijker te worden, vermoed ik. 

Moeilijk, moeilijk. 

In dit geval was het anders, want deze mevrouw kende mij al en wist dus dat ik de neiging heb mij, laat ik zeggen "direct" te uiten. Er zijn ook mensen die dat bot noemen. 
Bovendien wilde zij werkelijk per ommegaande antwoord, zodat ik het volste recht meende te hebben eens lekker los te gaan. 
Aldus geschiedde. Integrale weergave is hier niet noodzakelijk. De inhoud luidde ongeveer dat ik een bijeenkomst van ouders van 18-jarige jongens om hun vakantieplannen door te nemen volstrekt bezopen vond. En vind. Het mailtje was grappig bedoeld opgesteld, en ze hadden erg moeten lachen. 
Mijn waarschuwing voor comazuipen voorafgaand aan die wandeling blijkt achteraf onterecht, want die jongens leven nog, en mijn geruststelling dat het wel "los zou lopen" met die wandeling was ook fout. Want nu is er immers sprake van een Patella luxatie. 

Als voorlopige conclusie zouden we dus kunnen stellen dat het raadplegen van deskundigen over het algemeen weinig zin heeft. Of dat ik geen goede deskundige ben. Ik houd het bij de eerste. 

Romantische hoax'

Er zijn mensen van het romantische slag die menen dat vroeger alles beter was. En dat de mensheid in de loop van de geschiedenis allerlei kennis & vaardigheden is kwijtgeraakt. De Maya-kalender, de bouw van piramides, hunebedden, wat al niet.

Mij lijkt dat in algemene termen onzin. Het feit dat de "Chinese kruiwagen" niet meer wordt gebruikt, zal vermoedelijk komen omdat die Chinezen op een gegeven moment hebben bedacht dat zo'n ding in vergelijking met alternatieven minder goed voldeed. 


Chinese kruiwagen



Hij valt bijvoorbeeld om als die meneer links op de foto afstapt. Of die meneer daarachter loopt een acute hernia op. En dat het gebruik gestaakt is, wordt misschien wel niet veroorzaakt omdat ze in China ineens vergeten zijn hoe je zo'n ding moet maken. Of toch?
De vraag die hier achter zit is uiteraard: Kunnen 3 achttienjarige knullen een beetje voor zichzelf zorgen, net zoals onze generatie 40 jaar geleden, of is er sprake van teloor gegane kennis op dit gebied?
En moeten wij, ouders, derhalve totdat die kinderen zelf kleinkinderen hebben alles voor ze regelen? En dan ook voor die kleinkinderen dus. 

Koffers

Vanmorgen vroeg ben ik een paar krukken weg wezen brengen naar de Patella luxatie. (Dat blijkt trouwens een ontwrichte knieschijf te zijn. Dat heb ik ook weleens aan de hand gehad als pubertje, het deed wel verdomd veel pijn. Ook nog nadat onze dorpsdokter met een welgemikte klap die knieschijf weer terug op zijn plek had geslagen.) 
Bij binnenkomst moest ik mij over een aantal koffers heenstappend een weg banen richting de patiënt. Qua begaanbaarheid richting het toilet hadden de vriendjes van Patella luxatie het een beetje lastig voor hem gemaakt, maar goed. Misschien dachten ze wel dat een bijwerking is dat je geconstipeerd raakt. 

Koffers? Ja, flinke koffers. Met wieltjes. Niet het ideale bagagemedium voor een meerdaagse wandeltocht over bergpaadjes, lijkt mij. 
Is het dan toch waar, dat verliezen van kennis & vaardigheden van de mensheid? 
6 ouders en 3 jongens van 18 besteden minstens een avond aan het voorbereiden van een huttentocht en niemand is zo slim om te bedenken dat je voor 5 dagen zuipen aan het strand en 3 dagen wandelen in de bergen met vier onderbroeken, 5 paar sokken, een zwembroek, een paar t-shirts, een tandenborstel, een family-pack condooms en een stuk Sunlight-zeep ingepakt in de middelgrote rugzak alles onder controle hebt?

Ik ben werkelijk bang dat er nog weinig hunebedden zullen worden gebouwd de komende millennia.

Terug naar de website


dinsdag 10 mei 2016

Het oprotarrangement & de ware kampeerders

Oprotarrangement

Sinds jaar & dag bieden wij aan gasten die bij ons vertrekken het zgn. "oprotarrangement" aan. Dat is zo gekomen. Veel mensen die bij ons komen kamperen beschikken over de Waard of soortgelijke tenten. Een beetje pesterig noem ik dat altijd de "ware" kampeerders. Een beetje pesterig zeg ik, want met een ware kampeerder moet je zorgvuldig omgaan. 
Vroeger beschouwde ik mijzelf ook als een ware kampeerder. Mijn eerste serieuze tent was een -uiteraard- katoenen Erdmann Schmidt Kever. Ondanks het materiaal toch vrij licht (3,3 kg in dit geval) en vanwege het materiaal beschikkend over superieure eigenschappen. Volgens de ware kampeerders. 
Met dat tentje op mijn rug ben ik een maand door Noorwegen getrokken. Op de Hardangervidda werden wij overvallen door een storm. De huttenwaard legde ons toen wij binnen gingen schuilen wegens tent plat uit dat trekkers in Noorwegen al jaren kunststof koepeltentjes gebruikten. Wél stormvast, géén 30 ultralight aluminium haringen nodig. Hij keek ons meewarig aan. 
Buitendien hadden wij al meerdere malen bij het inpakken 's ochtends ondervonden dat die 3,3 kg katoenen tent door de ochtenddauw en/of nachtelijke buien zomaar meerdere kg's zwaarder was. En als je met 20 kg op je rug een tiendaagse trektocht maakt, dan kun je die extra kg's water die die tent voor je bewaart best missen..........dus sindsdien ben ik geen ware kampeerder meer en heb nooit meer overwogen een katoenen tent aan te schaffen. 

De uitrusting

Die ware kampeerders waar ik eerder over sprak, zijn dan wel ware kampeerders, maar daar hoort iets bij: de stationcar met lijkkist op het dak en vaak een aanhangertje. Zo'n de Waard is nogal volumineus & zwaar, vandaar. En de ware kampeerders hebben net zoals ik de ervaring dat het uren duurt voor hun tent droog is, waardoor het hen bijna niet lukt de boel in te pakken op de vertrekdag. Velen hebben zelfs extra tenten bij zich voor onderweg en/of de laatste nacht. 

 


De praktijk

Niet allemaal, dus het is niet zo raar dat sommigen op het idee kwamen de laatste nacht bij ons in een kamer te verblijven. Dan kunnen ze 's ochtends tenminste een beetje op tijd weg. 
Daarvoor hebben wij toen het oprotarrangement bedacht. In je eigen slaapzak in een niet schoongemaakte kamer de laatste nacht doorbrengen in een kamer bij ons tegen het kampeertarief. Indien beschikbaar uiteraard, maar tegenwoordig plan ik dat al vaak in bij de boeking. 

Leuke service, vinden wij, maar het wringt toch een beetje. De prijsstelling is gebaseerd op "niet schoonmaken", maar dat doe je niet. Je trekt minstens een bezem door zo'n kamer en je verbiedt niemand binnen naar de wc en onder de douche te gaan. Dus eigenlijk maak je grotendeels toch schoon. De was die bij hotelkamers hoort ben je wel kwijt. In theorie, want sommigen vinden het dan weer handig de schone handdoeken die ze in de kast aantreffen te gebruiken, dan blijven de hunne droog. Of het bed lekker op te maken met de lakens uit diezelfde kast. Mensen heb je in soorten en maten, maar je wilt als gastpaar niet voor vertrek gaan checken of ze toevallig een handdoek hebben gebruikt. Dat ontdek je pas later. 





Meten is weten

Gisteravond kreeg ik een boekingsverzoek voor de periode 27/31 juli. Dan zitten we allang vol, behalve een paar plekjes voor een kleine tent. Aldus gecommuniceerd. Blijken die mensen net de eigenaren te zijn van een Sibley 400 met een diameter van 400 cm. Nou, dacht ik, misschien dat dat net past!

Meten is weten, gisteren hoosde het van de regen, maar vanmorgen vroeg was het droog. Op de foto staat Tim het onomstotelijke te bewijzen. De Sibley 400 past!


Sibilleke

Bij het teruglopen naar huis, bedacht ik me dat zo'n Sibley een prachtig model tent is om als (semi)ingerichte tent te gaan verhuren. Dat plekje is een tafellaken-servet-gevalletje, normale familietenten passen niet, dus het is in mijn planning een zwevend geval. Daarop kreeg Franka een nóg beter aanvullend idee. We gaan een Sibley 400 de luxe kopen en gebruiken als oprotarrangement! Briljant, geen extra schoonmaak, geen natte handdoeken, je wordt gelukkig bij de gedachte alleen!

Vandaar dat ik haar nu al een naam heb gegeven. De trotse ouders kondigen de geboorte aan van hun vierde spruit: Sibilleke. 

Terug naar de website

maandag 22 februari 2016

Wandeltijden en de 1e Wet van van Noort

Mensen die bij ons verblijven en willen gaan wandelen vragen vaak "hoe lang of dat dan duurt", die met enthousiasme omhangen wandeling? Mijn antwoord luidt steevast: Daarvoor gebruiken wij de 1e Wet van van Noort.



De 1e Wet van van Noort luidt aldus: Een normaal, niet speciaal getraind, mens kan in de bergen op één dag (ruim 6 uur schone looptijd is dat) de afstand afleggen die hij/zij kan omspannen met één hand op een kaart met een schaal van 1:50.000.
Op bovenstaande foto gebruik ik een kaart met een schaal van 1:25.000. Dus dan zou ik twee handen kunnen gebruiken. Maar ik wist niet hoe ik dan die foto moest maken. 

Hij belazert de boel

De standaardreactie is er één die het midden houdt tussen ongeloof en argwaan. Argwaan omdat veel mensen denken dat ik hen in de maling probeer te nemen. Daar is echter geen sprake van. En ongeloof omdat mensen die er serieus over nadenken allerlei bezwaren opwerpen die afbreuk lijken te doen aan die schijnbare onnauwkeurigheid.

Die Wet doet het echter alleraardigst als voorspeller van de wandeltijd en heeft in z'n toepassing een paar grote voordelen: 

1) Het eerste voordeel is de snelheid. Met een kaart als onderlegger zie je in realtime de uitslag.

2) Het tweede is dat rekening gehouden wordt met de groepssamenstelling. Mijn hand omspant als ik een beetje doordruk 22 cm. Een hand van een 6-jarige is kleiner. Het ligt nogal voor de hand dat het voor mij makkelijker is om 22 kaartcentimer (5,5 km) af te leggen dan dat het is voor een kind van 6. Haar of zijn kleine handjes omspannen misschien 12 cm. En dat klopt dan met de praktijk. 

3) Er wordt geen rekening gehouden met stijgen en dalen. Dat lijkt een nadeel, maar is juist een voordeel. De ervaring leert dat kinderen meestal sneller dalen dan stijgen en veel volwassenen juist omgekeerd. De schijnbare imprecisie zorgt dus juist voor compensatie waardoor het eindresultaat gemiddeld beter klopt. Bovendien loop je nooit de hele dag alleen maar omhoog in gebergten zoals de Alpen en de Pyreneeën. 

Koffie

De reden dat ik die Wet ooit geformuleerd heb, was overigens dat ik trek had in een slok koffie. Eén van mijn toenmalige tochtgenoten had een loopwiel bij zich en vouwde avond na avond de kaart uit om met dat loopwiel de route van de volgende dag voor te rijden. Daarna werden alle hoogtemeters nauwgezet nagegaan en vervolgens werden de verkregen resultaten met behulp van een ingewikkelde formule omgezet in een voorspelling van de tijd die ons de volgende dag op de been zou moeten houden. 
Dat rollen met een loopwiel over een kaart met vouwen op een niet al te vlakke ondergrond was een tijdrovende klus. 
Een enkele keer zaten we in het café na het eten om een kopje koffie te drinken. Op die avonden moest ons tafeltje als circuit voor het loopwiel dienen en werd de koffie niet, of later, besteld. En als deze dan eindelijke arriveerde mocht die niet op tafel staan in verband met die kaart die daar nog steeds lag..........En ik had meer zin in koffie dan in de wetenschap of ik de volgende dag 6 uur of 6,35 uur moest lopen. 

Serieuze rekenkunde

De NBV gebruikt in haar cursussen een formule, er zijn nog een paar varianten in omloop, die het volgende zegt:

Bepaal {max} en {min} van: D/4 km v Hs/300 à 400m;

Neem {max} + 0,5 x {min} + Hd/500 à 600m.

waarbij:
D = afstand in km;
Hs = totaal stijgende meters;
Hd = totaal dalende meters.

In woorden: Bepaal het maximum van de totale afstand gedeeld door 4 km en de totale stijghoogte gedeeld door 300 tot 400 (afhankelijk van allerlei factoren). Neem het maximum van die twee, tel daar de helft van de andere bij op en doe daar tenslotte de dalende meters bij gedeeld door 500 tot 600.

Als ik dat plaatje met mijn hand als voorbeeld neem, krijg je: 

D = 5,5 km; 5,5/4 = 1,375 u 0 82,5 min
Hs = 534 m ; 534/350 = 1,52 u = 91 min = Max
Hd = 576 m; 576/550 = 1,05 u = 63 min. 

>>> 91 + 82,5/2 + 63 = 196 min = 3 uur 16 min. Dat is nagenoeg hetzelfde als mijn hand (ruim 3 uur schone looptijd voor mij) aangeeft.

De precisie van die formule is ook maar  schijn. Als je ipv 300 de stijgmeters op 400 zet, enz. Dat éne heilige cijfer kan zomaar 45 min schelen afhankelijk van de keuze die je maakt. 
Afwijkingen van 25% komen bij mijn methode ook voor, maar dan omdat de deelnemers verschillende fysieke kenmerken hebben. Ik weet zeker dat uw zesjarige dochtertje béter met haar handjes de looptijd kan schatten dan die methode waarmee je een kwartiertje aan het rekenen bent. 

Mijn Conclusie

Het is heus waar. De 1e Wet van van Noort is een niet te versmaden hulpmiddel bij het routeplannen in de bergen. Probeer het zelf maar!

Terug naar de website




donderdag 18 februari 2016

Passie voor palen

Eef Berns op een grenspaal
De Tour de France

Vandaag was ik iets aan het uitzoeken omdat ik een stukje wilde schrijven over de Tour de France die hier 10 juli aanstaande voorbijflitst. Flitst, omdat wij aan het eind van de afdaling van de eerste beklimming van die dag wonen en dat belooft weinig strijd. Het belooft vooral een flits, of drie misschien als het peloton al gebroken is. 

Zoals ik kort geleden al schreef, als ik iets uitzoek raak ik geregeld het oorspronkelijke spoor kwijt omdat ik zovéél zó leuk vind. In de beschrijving van die 10e etappe stond het 
volgende:

Het gebied waar gereden wordt, maakte lange tijd deel uit van Frankrijk. Het werd naar Spanje overgeheveld in 1.659, dit was zo vastgelegd in de Vrede van de Pyreneeën. Op zondag 3 juli is het Spaanse grondgebied dus voor even weer in Franse sferen door de komst van de Tour.

Dan denk ik: Klopt dat wel? Waren wij vroeger Frans hier? Ik denk van niet, dus ga ik uitzoeken hoe het met die Vrede van de Pyreneeën zit. Dat is een heel verhaal. Voorzover ik het kan bekijken is het niet waar, wat ze op touretappe.nl beweren, maar dat terzijde. Terwijl ik zoek en zoek kom ik op zeker moment een website tegen waar in het Nederlands de grenspalen (allemaal!) van  de Pyreneeën worden beschreven. 

De Waanzin

Eef Berns heet de founding-father van dit project. Ik had er nog nooit van gehoord, maar vind het een waanzinnig, in alle betekenissen die je kunt verzinnen, plan.

Nu schijnt Eef in Nederland, in bepaalde kringen, wereldberoemd te zijn. Hij heeft alle Nederlandse grenspalen (die met België en Duitsland) al gehad, doet samen met een vriend de Belgisch-Luxemburgse palen en dus sinds 2000 de Frans-Spaanse, waarvan de site sinds 2010 in het Engels wordt geschreven. 
Alsof dat nog niet genoeg was, heeft hij er ook nog een pad bij "aangelegd", in 52 etappes.

The GRPdesBF is the "Grande Randonnée Pyrénéenne des Bornes Frontières". It's my own coast-to-coast trail along the bordermarkers, in 52 stages.


Naast de GR10 (Frans), GR 11 (Spaans) en HRP (Frans/Spaans) is er nu dus een vierde coast-to-coast route door de Pyreneeën, de GRPdesBF.
Eef Berns is psychiatrisch verpleegkundige van zijn vak, en een tikkeltje gestoord moet je wel voor zo'n project zijn, vermoed ik. Sommige palen zijn namelijk in het vergeetboek geraakt, anderen zijn verplaatst, niets lijkt Eef te ontgaan. Maar hij laat het er dan niet bij zitten. 
Als er eens een paaltje dwarsligt, doet hij bronnenonderzoek en schrijft hij op zijn site: 

Grensverleggend?

As you know, I have serious doubts about the correct location of the current bordermarkers bm357 and 358 and thus the yet to find original bm359.

Dat is toch fantastisch! Geen flauw idee hoeveel mensen zijn passie delen, maar hij spreekt je toe alsof je een vertrouwde vriend bent die uiteraard geïnteresseerd is in de exacte lokatie van bm357 en aanverwanten. 
Hij plaats er een kaartje onder met de mogelijkheden tot verbetering



op grond van de in het oorspronkelijke verdrag uit 1659 genoemde afstanden; er is een lijst op zijn site te vinden van "nog terug te vinden" grenspalen en er is een een to-do-list. Want Eef ligt een klein beetje achter op zijn planning. Alsof iemand het raar zou kunnen vinden dat zo'n onderneming überhaupt planbaar is......Hij had het project afgelopen zomer af willen hebben, maar er moeten nog een paar dingetjes gebeuren, dus nu wordt het komende zomer. 
Onder andere staat er een bezoek aan BM 602 op het programma, eventueel met een kayak. BM 602 is geschilderd op een door de zee uitgeholde grot aan de kust in de buurt van Port Bou. 

























Jaloers 

Je kunt je niet voorstellen dat Eef er iets van een sociaal leven op nahoudt, want alleen die website is al een monnikenbaan geweest en dan heb ik het nog niet over het eigenlijke veldwerk. 
Hj doet een hoop dingen samen met vrienden, lees ik. Wat een jaloersmakende waanzin, prachtig!

Eefs website als je verder wilt kijken, of misschien in 52 etappes de Pyreneeën zelf op de grens van, ja, van wat? wilt doorkruisen. 

Terug naar de website