dinsdag 10 mei 2016

Het oprotarrangement & de ware kampeerders

Oprotarrangement

Sinds jaar & dag bieden wij aan gasten die bij ons vertrekken het zgn. "oprotarrangement" aan. Dat is zo gekomen. Veel mensen die bij ons komen kamperen beschikken over de Waard of soortgelijke tenten. Een beetje pesterig noem ik dat altijd de "ware" kampeerders. Een beetje pesterig zeg ik, want met een ware kampeerder moet je zorgvuldig omgaan. 
Vroeger beschouwde ik mijzelf ook als een ware kampeerder. Mijn eerste serieuze tent was een -uiteraard- katoenen Erdmann Schmidt Kever. Ondanks het materiaal toch vrij licht (3,3 kg in dit geval) en vanwege het materiaal beschikkend over superieure eigenschappen. Volgens de ware kampeerders. 
Met dat tentje op mijn rug ben ik een maand door Noorwegen getrokken. Op de Hardangervidda werden wij overvallen door een storm. De huttenwaard legde ons toen wij binnen gingen schuilen wegens tent plat uit dat trekkers in Noorwegen al jaren kunststof koepeltentjes gebruikten. Wél stormvast, géén 30 ultralight aluminium haringen nodig. Hij keek ons meewarig aan. 
Buitendien hadden wij al meerdere malen bij het inpakken 's ochtends ondervonden dat die 3,3 kg katoenen tent door de ochtenddauw en/of nachtelijke buien zomaar meerdere kg's zwaarder was. En als je met 20 kg op je rug een tiendaagse trektocht maakt, dan kun je die extra kg's water die die tent voor je bewaart best missen..........dus sindsdien ben ik geen ware kampeerder meer en heb nooit meer overwogen een katoenen tent aan te schaffen. 

De uitrusting

Die ware kampeerders waar ik eerder over sprak, zijn dan wel ware kampeerders, maar daar hoort iets bij: de stationcar met lijkkist op het dak en vaak een aanhangertje. Zo'n de Waard is nogal volumineus & zwaar, vandaar. En de ware kampeerders hebben net zoals ik de ervaring dat het uren duurt voor hun tent droog is, waardoor het hen bijna niet lukt de boel in te pakken op de vertrekdag. Velen hebben zelfs extra tenten bij zich voor onderweg en/of de laatste nacht. 

 


De praktijk

Niet allemaal, dus het is niet zo raar dat sommigen op het idee kwamen de laatste nacht bij ons in een kamer te verblijven. Dan kunnen ze 's ochtends tenminste een beetje op tijd weg. 
Daarvoor hebben wij toen het oprotarrangement bedacht. In je eigen slaapzak in een niet schoongemaakte kamer de laatste nacht doorbrengen in een kamer bij ons tegen het kampeertarief. Indien beschikbaar uiteraard, maar tegenwoordig plan ik dat al vaak in bij de boeking. 

Leuke service, vinden wij, maar het wringt toch een beetje. De prijsstelling is gebaseerd op "niet schoonmaken", maar dat doe je niet. Je trekt minstens een bezem door zo'n kamer en je verbiedt niemand binnen naar de wc en onder de douche te gaan. Dus eigenlijk maak je grotendeels toch schoon. De was die bij hotelkamers hoort ben je wel kwijt. In theorie, want sommigen vinden het dan weer handig de schone handdoeken die ze in de kast aantreffen te gebruiken, dan blijven de hunne droog. Of het bed lekker op te maken met de lakens uit diezelfde kast. Mensen heb je in soorten en maten, maar je wilt als gastpaar niet voor vertrek gaan checken of ze toevallig een handdoek hebben gebruikt. Dat ontdek je pas later. 





Meten is weten

Gisteravond kreeg ik een boekingsverzoek voor de periode 27/31 juli. Dan zitten we allang vol, behalve een paar plekjes voor een kleine tent. Aldus gecommuniceerd. Blijken die mensen net de eigenaren te zijn van een Sibley 400 met een diameter van 400 cm. Nou, dacht ik, misschien dat dat net past!

Meten is weten, gisteren hoosde het van de regen, maar vanmorgen vroeg was het droog. Op de foto staat Tim het onomstotelijke te bewijzen. De Sibley 400 past!


Sibilleke

Bij het teruglopen naar huis, bedacht ik me dat zo'n Sibley een prachtig model tent is om als (semi)ingerichte tent te gaan verhuren. Dat plekje is een tafellaken-servet-gevalletje, normale familietenten passen niet, dus het is in mijn planning een zwevend geval. Daarop kreeg Franka een nóg beter aanvullend idee. We gaan een Sibley 400 de luxe kopen en gebruiken als oprotarrangement! Briljant, geen extra schoonmaak, geen natte handdoeken, je wordt gelukkig bij de gedachte alleen!

Vandaar dat ik haar nu al een naam heb gegeven. De trotse ouders kondigen de geboorte aan van hun vierde spruit: Sibilleke. 

Terug naar de website

maandag 22 februari 2016

Wandeltijden en de 1e Wet van van Noort

Mensen die bij ons verblijven en willen gaan wandelen vragen vaak "hoe lang of dat dan duurt", die met enthousiasme omhangen wandeling? Mijn antwoord luidt steevast: Daarvoor gebruiken wij de 1e Wet van van Noort.



De 1e Wet van van Noort luidt aldus: Een normaal, niet speciaal getraind, mens kan in de bergen op één dag (ruim 6 uur schone looptijd is dat) de afstand afleggen die hij/zij kan omspannen met één hand op een kaart met een schaal van 1:50.000.
Op bovenstaande foto gebruik ik een kaart met een schaal van 1:25.000. Dus dan zou ik twee handen kunnen gebruiken. Maar ik wist niet hoe ik dan die foto moest maken. 

Hij belazert de boel

De standaardreactie is er één die het midden houdt tussen ongeloof en argwaan. Argwaan omdat veel mensen denken dat ik hen in de maling probeer te nemen. Daar is echter geen sprake van. En ongeloof omdat mensen die er serieus over nadenken allerlei bezwaren opwerpen die afbreuk lijken te doen aan die schijnbare onnauwkeurigheid.

Die Wet doet het echter alleraardigst als voorspeller van de wandeltijd en heeft in z'n toepassing een paar grote voordelen: 

1) Het eerste voordeel is de snelheid. Met een kaart als onderlegger zie je in realtime de uitslag.

2) Het tweede is dat rekening gehouden wordt met de groepssamenstelling. Mijn hand omspant als ik een beetje doordruk 22 cm. Een hand van een 6-jarige is kleiner. Het ligt nogal voor de hand dat het voor mij makkelijker is om 22 kaartcentimer (5,5 km) af te leggen dan dat het is voor een kind van 6. Haar of zijn kleine handjes omspannen misschien 12 cm. En dat klopt dan met de praktijk. 

3) Er wordt geen rekening gehouden met stijgen en dalen. Dat lijkt een nadeel, maar is juist een voordeel. De ervaring leert dat kinderen meestal sneller dalen dan stijgen en veel volwassenen juist omgekeerd. De schijnbare imprecisie zorgt dus juist voor compensatie waardoor het eindresultaat gemiddeld beter klopt. Bovendien loop je nooit de hele dag alleen maar omhoog in gebergten zoals de Alpen en de Pyreneeën. 

Koffie

De reden dat ik die Wet ooit geformuleerd heb, was overigens dat ik trek had in een slok koffie. Eén van mijn toenmalige tochtgenoten had een loopwiel bij zich en vouwde avond na avond de kaart uit om met dat loopwiel de route van de volgende dag voor te rijden. Daarna werden alle hoogtemeters nauwgezet nagegaan en vervolgens werden de verkregen resultaten met behulp van een ingewikkelde formule omgezet in een voorspelling van de tijd die ons de volgende dag op de been zou moeten houden. 
Dat rollen met een loopwiel over een kaart met vouwen op een niet al te vlakke ondergrond was een tijdrovende klus. 
Een enkele keer zaten we in het café na het eten om een kopje koffie te drinken. Op die avonden moest ons tafeltje als circuit voor het loopwiel dienen en werd de koffie niet, of later, besteld. En als deze dan eindelijke arriveerde mocht die niet op tafel staan in verband met die kaart die daar nog steeds lag..........En ik had meer zin in koffie dan in de wetenschap of ik de volgende dag 6 uur of 6,35 uur moest lopen. 

Serieuze rekenkunde

De NBV gebruikt in haar cursussen een formule, er zijn nog een paar varianten in omloop, die het volgende zegt:

Bepaal {max} en {min} van: D/4 km v Hs/300 à 400m;

Neem {max} + 0,5 x {min} + Hd/500 à 600m.

waarbij:
D = afstand in km;
Hs = totaal stijgende meters;
Hd = totaal dalende meters.

In woorden: Bepaal het maximum van de totale afstand gedeeld door 4 km en de totale stijghoogte gedeeld door 300 tot 400 (afhankelijk van allerlei factoren). Neem het maximum van die twee, tel daar de helft van de andere bij op en doe daar tenslotte de dalende meters bij gedeeld door 500 tot 600.

Als ik dat plaatje met mijn hand als voorbeeld neem, krijg je: 

D = 5,5 km; 5,5/4 = 1,375 u 0 82,5 min
Hs = 534 m ; 534/350 = 1,52 u = 91 min = Max
Hd = 576 m; 576/550 = 1,05 u = 63 min. 

>>> 91 + 82,5/2 + 63 = 196 min = 3 uur 16 min. Dat is nagenoeg hetzelfde als mijn hand (ruim 3 uur schone looptijd voor mij) aangeeft.

De precisie van die formule is ook maar  schijn. Als je ipv 300 de stijgmeters op 400 zet, enz. Dat éne heilige cijfer kan zomaar 45 min schelen afhankelijk van de keuze die je maakt. 
Afwijkingen van 25% komen bij mijn methode ook voor, maar dan omdat de deelnemers verschillende fysieke kenmerken hebben. Ik weet zeker dat uw zesjarige dochtertje béter met haar handjes de looptijd kan schatten dan die methode waarmee je een kwartiertje aan het rekenen bent. 

Mijn Conclusie

Het is heus waar. De 1e Wet van van Noort is een niet te versmaden hulpmiddel bij het routeplannen in de bergen. Probeer het zelf maar!

Terug naar de website




donderdag 18 februari 2016

Passie voor palen

Eef Berns op een grenspaal
De Tour de France

Vandaag was ik iets aan het uitzoeken omdat ik een stukje wilde schrijven over de Tour de France die hier 10 juli aanstaande voorbijflitst. Flitst, omdat wij aan het eind van de afdaling van de eerste beklimming van die dag wonen en dat belooft weinig strijd. Het belooft vooral een flits, of drie misschien als het peloton al gebroken is. 

Zoals ik kort geleden al schreef, als ik iets uitzoek raak ik geregeld het oorspronkelijke spoor kwijt omdat ik zovéél zó leuk vind. In de beschrijving van die 10e etappe stond het 
volgende:

Het gebied waar gereden wordt, maakte lange tijd deel uit van Frankrijk. Het werd naar Spanje overgeheveld in 1.659, dit was zo vastgelegd in de Vrede van de Pyreneeën. Op zondag 3 juli is het Spaanse grondgebied dus voor even weer in Franse sferen door de komst van de Tour.

Dan denk ik: Klopt dat wel? Waren wij vroeger Frans hier? Ik denk van niet, dus ga ik uitzoeken hoe het met die Vrede van de Pyreneeën zit. Dat is een heel verhaal. Voorzover ik het kan bekijken is het niet waar, wat ze op touretappe.nl beweren, maar dat terzijde. Terwijl ik zoek en zoek kom ik op zeker moment een website tegen waar in het Nederlands de grenspalen (allemaal!) van  de Pyreneeën worden beschreven. 

De Waanzin

Eef Berns heet de founding-father van dit project. Ik had er nog nooit van gehoord, maar vind het een waanzinnig, in alle betekenissen die je kunt verzinnen, plan.

Nu schijnt Eef in Nederland, in bepaalde kringen, wereldberoemd te zijn. Hij heeft alle Nederlandse grenspalen (die met België en Duitsland) al gehad, doet samen met een vriend de Belgisch-Luxemburgse palen en dus sinds 2000 de Frans-Spaanse, waarvan de site sinds 2010 in het Engels wordt geschreven. 
Alsof dat nog niet genoeg was, heeft hij er ook nog een pad bij "aangelegd", in 52 etappes.

The GRPdesBF is the "Grande Randonnée Pyrénéenne des Bornes Frontières". It's my own coast-to-coast trail along the bordermarkers, in 52 stages.


Naast de GR10 (Frans), GR 11 (Spaans) en HRP (Frans/Spaans) is er nu dus een vierde coast-to-coast route door de Pyreneeën, de GRPdesBF.
Eef Berns is psychiatrisch verpleegkundige van zijn vak, en een tikkeltje gestoord moet je wel voor zo'n project zijn, vermoed ik. Sommige palen zijn namelijk in het vergeetboek geraakt, anderen zijn verplaatst, niets lijkt Eef te ontgaan. Maar hij laat het er dan niet bij zitten. 
Als er eens een paaltje dwarsligt, doet hij bronnenonderzoek en schrijft hij op zijn site: 

Grensverleggend?

As you know, I have serious doubts about the correct location of the current bordermarkers bm357 and 358 and thus the yet to find original bm359.

Dat is toch fantastisch! Geen flauw idee hoeveel mensen zijn passie delen, maar hij spreekt je toe alsof je een vertrouwde vriend bent die uiteraard geïnteresseerd is in de exacte lokatie van bm357 en aanverwanten. 
Hij plaats er een kaartje onder met de mogelijkheden tot verbetering



op grond van de in het oorspronkelijke verdrag uit 1659 genoemde afstanden; er is een lijst op zijn site te vinden van "nog terug te vinden" grenspalen en er is een een to-do-list. Want Eef ligt een klein beetje achter op zijn planning. Alsof iemand het raar zou kunnen vinden dat zo'n onderneming überhaupt planbaar is......Hij had het project afgelopen zomer af willen hebben, maar er moeten nog een paar dingetjes gebeuren, dus nu wordt het komende zomer. 
Onder andere staat er een bezoek aan BM 602 op het programma, eventueel met een kayak. BM 602 is geschilderd op een door de zee uitgeholde grot aan de kust in de buurt van Port Bou. 

























Jaloers 

Je kunt je niet voorstellen dat Eef er iets van een sociaal leven op nahoudt, want alleen die website is al een monnikenbaan geweest en dan heb ik het nog niet over het eigenlijke veldwerk. 
Hj doet een hoop dingen samen met vrienden, lees ik. Wat een jaloersmakende waanzin, prachtig!

Eefs website als je verder wilt kijken, of misschien in 52 etappes de Pyreneeën zelf op de grens van, ja, van wat? wilt doorkruisen. 

Terug naar de website


vrijdag 12 februari 2016

Menselijke Kastelen

Een paar weken geleden schreef ik hier een stukje over Immateriële Culturele Erfgoederen van de mensheid. De UNESCO houdt zich daar mee bezig. Hier in Catalonië wordt dat zeer serieus genomen. In Vlaanderen ook, zo ontdekte ik, dus het lijkt erop dat bevolkingsgroepen die niet het voorrecht genieten om hun eigen natiestaat te hebben kunnen vestigen dan wel behouden extra gemotiveerd zijn om hun uniciteit via erkenning van de UNESCO te ijken. Voor wat ze waard is, bovenstaande uitspraak. 

Stierenmishandeling?

In Catalonië bestaan vier door de UNESCO gecertificeerde gebruiken. Voordat ik die kastelen voor het voetlicht haal, eerst een zijsprong naar de stieren. Stierenvechten is een tijdverdrijf van Spanjaarden. Wij Catalanen doen dat niet. Dat wil zeggen, er werd tot voor een paar jaar in de arena nog wel gestiervochten, maar stierenvechten zien we hier als een barbaars tijdverdrijf, en daarom is het rond 2010 verboden. 
Alle stierenmishandeling? Nee, dat dan weer niet. In het zuiden van Catalonië, waar de Ebro in de Middellandse Zee uitmondt, bestaat nog steeds het gebruik van de "correbous". In de wet die door het Catalaanse parlement in 2010 werd aangenomen, werd na een uitgebreide lobby van de pro-co's (vóór de correbous) een uitzondering opgenomen. Het vieren van de "correbous" is weliswaar geen door de UNESCO gepremiëerde traditie, maar wel door de Catalaanse overheid erkend. Bovendien maken wij die stieren niet af. Een dubieus verschil, kijk maar:




Die stieren wordt een tweetal brandend fakkels aan de horens gebonden en dan worden ze vrijgelaten op straat om hun waanzinnige paniek op de helden die zich op straat wagen uit te leven. Er vallen weinig gewonden, want die stieren hebben wel iets anders aan hun hoofd dan zich te bekommeren om die wegrennende kindertjes. 

Kastelen

Niet alles in Catalonië is gericht op dierenmishandeling. Kinderen worden ook tot doelwit uitverkoren. Zo zijn daar die menselijke kastelen. Castells heten ze hier. Het gebeurt in de zomer. Wedstrijden worden eindeloos integraal live op de tv uitgezonden. Het is niet zo heel veel boeiender dan het kijken naar de 10km schaatsen, maar wel veel kleurrijker. 




Het komt er op neer een toren te maken door op elkaars schouders te gaan staan. Dit plaatje komt uit de Catalaanse Wiki, en daar kunt u lezen dat sedert 2010 het op elkaars schouders staan een Cultureel Erfgoed van de Mensheid is. 
Er zijn verschillende manieren om op elkaars schouders te staan. Dat is een nogal ingewikkelde nomenclatuur. Deze hier heet 3 van 10. Je zou denken dat er dan 10 verdiepingen van 3 personen op elkaar staan, maar dat is niet zo. 
De onderste 3 lagen worden geholpen door een heleboel evenwichtshouders en zie je dus niet. En de bovenste 3 lagen zijn 3 kleine kinderen die op hun hurken, gebogen en staand de telling tot 10 complementeren. 

Kindermishandeling?

Een Castell krijgt pas het maximale aantal punten als het bouwen én het demonteren goed verloopt. Soms (vrij vaak) gaat het fout en dondert de boel vroegtijdig in elkaar. Die kinderen die de bovenste 3 lagen moeten vormen, klimmen tegelijk naar boven en bij een ineenstorting hebben zij de grootste hoogte te overbruggen. In neerwaartse zin. 
Dat leidt geregeld tot blessures en een enkele keer zelfs tot overlijden. Traditie is traditie, dus afschaffen geen optie. Daarom hebben die kinderen nu verplicht zo'n paardrijcap op hun hoofd. 
Zoals u wellicht begrijpen zult, veroorzaakte dat verhitte debatten. Hoe kun je een eeuwenlange traditie bevuilen met een paardrijcap? 
Zo heel erg eeuwenoud is die traditie niet, want net zoals met veel tijdverdrijven van "het volk" is het tot bloei gekomen aan het eind van de 19e eeuw. Daarna heeft het een eeuw lang een kwakkelend bestaan geleid totdat "het volk" zich eind 20e eeuw begon te interesseren, in het geval van Spanje simultaan met het einde van de dictatuur, voor de nationale identiteit. 

Daarom poppen de Castell-verenigingen de laatste 15 jaar op als advertenties op een website en verspreidt het fenomeen zich over het hele land. De siniestralidad (onvertaalbaar woord: kans op ernstige ongevallen) van Castells is niet heel veel slechter dan die van schoolgymnastiek. 
Toch maar doen dan, en stoppen met stiertje pesten?

Terug naar de website

dinsdag 9 februari 2016

Koelen & vriezen

Ieder mens heeft tot op zekere hoogte recht op zijn eigenaardigheden, vind ik. Dat is in elk geval de gedachte waarmee ik mijzelf masseer als ik wéér over mijn "koelprobleem" begin. Want laten wij wel wezen: Een fatsoenlijke koelkast verbruikt nog geen kWh per dag. Omgerekend naar benzine is dat 0,1 L. Omgerekend naar auto is dat 1,5 km verplaatsing. Als u of ik op zekere dag iets vergeten bij het boodschappen doen en wij rijden terug naar ons boodschappendorp Estérri d'Àneu (7,2 km) verbruiken we 1 liter brandstof. Dat is 10 kWh aan energie. 10 dagen een grote koelkast aan de gang houden, met gemak. 




Dit gezegd hebbend, heb ik mij de afgelopen dagen toch maar het hoofd gebroken over het installeren van een uitbreiding van de koelvoorziening van onze gasten zonder stroom. Althans, zonder het installeren van één of meerdere extra koelkasten. 

Eén van mijn eigenaardigheden zullen we maar zeggen. Een andere is dat rekenen een soort hobby van mij is. Op bijgaand plaatje staat een gedeelte van het resultaat van zo'n exercitie. Een theoretische koelbox met 3 m2 buitenoppervlakte verliest per dag als hij gemaakt is met een buitenwand van 16 cm isolatie bij een gemiddelde buitentemperatuur van 20 °C en een binnentemperatuur van 4 °C 124 kJ. Dat staat er onder andere. 
Om water te laten bevriezen is een hoop energie nodig. Kost het koelen van een liter water 4,2 kJ per graad Celcius (de bekende kilocalorie), het bevriezen van water kost 334 kJ. En die komt weer vrij bij het ontdooien. En nog een beetje meer, want dat water mag opwarmen tot 4 gr.C. Dat betekent dat een bevroren fles frisdrank (-10 °C) met een inhoud van 2 liter een koelbom is met een energieinhoud van 725 kJ. Conclusie: Een bevroren Colafles bevat genoeg koude om mijn koelbox 725/124 = 6 dagen koel te houden! Dan moet die koelbox wel dichtblijven, en dat gaat natuurlijk niet gebeuren. 

Het toevoegen van een handje keukenzout zorgt ervoor dat het vriespunt iets verlaagd wordt, maar heeft op de totale energieinhoud niet zoveel effect. Waarom ze die standaardkoelelementen met een zoutoplossing vullen, is mij niet geheel duidelijk. Misschien om het koelen sneller te laten verlopen?

Hoe dan ook, ik ga een proefkoelbox bouwen die de komende tijd wordt getest. Als mijn tests mijn theorie ondersteunen, ga ik lekker géén gaskoelkasten aanschaffen voor de uitbreiding van onze koelcapaciteit. 

En bevriezen doen we met de zon. Waar hebben we anders die zonnepanelen voor op het dak liggen?

Terug naar de website

woensdag 3 februari 2016

Op weg naar Nederland?



Af en toe vliegen er een paar Vale Gieren richting Nederland en België. In de Gelderlander-online van 28 juni 2015 lees ik het volgende:


HOGE VELUWE - Een groep van 35 vale gieren heeft zondagmiddag over de Hoge Veluwe gevlogen. Vogelaar Possen zag de groep rond kwart over 12 vliegen aan de oostkant van het park. Ruim 1 uur later meldde Robert Jan Jonkvorst een groep van 34 vale gieren bij Uddel. Beide vogelaars zetten hun melding op
waarneming.nl.
De groep heeft overnacht in de buurt van Uddel. Maandagmorgen is de hele groep van 35 dieren gezien, vliegend over de omgeving van Radio Kootwijk in zuidwestelijke richting. Rond 11.30 uur is de groep boven de Telefoonweg in Renkum gesignaleerd, ook in zuidwestelijke richting vliegend.

Zo'n bericht wekt mij op de lachspieren, ik kan er niks aan doen. Het heeft zo'n hoog spruitjesgehalte. Of wethouder Hekking? (Mond tikje samengetrokken hardop lezen deze zin:)

"Vogelaar Possen zag de groep(.....)" van 35 om 11.45u (....) en een uur later is er één zoek, want vogelaar Jonkvorst telde er nog maar 34 in Uddel."
En dan te bedenken dat ze zowel in Kootwijk als in Renkum in zuidwestelijke richting vlogen. In Renkum om 11.30 zuidwest, hoe kom je dan in Godsnaam om 12.15 noordoost in Uddel terecht? Nou ja, die beesten kunnen buiten je gezichtsveld best een bocht maken.

Sigarenbandjes


Bovendien zie ik op waarneming.nl dat er de hele maand juli een Vale Gier boven Texel en andere Waddeneilanden is gesignaleerd. Dan is dat probleem van die zoekgeraakte gier ook weer opgelost.

Vogelaars sparen eigenlijk bewegende sigarenbandjes. Als iemand iets op waarneming.nl plaatst, rukken ze er met zijn allen op uit. Dat ziet er afhankelijk van de waargenomen soort zo uit:


De Westelijke Blonde Tapuit

 
De Sperweruil 


De Kuifkoekoek


De Kroonboszanger

Ik kwam ertoe te Googelen op Vale Gieren Nederland omdat de laatste keer dat ik mij herinnerde dat er een troep in de Oostvaardersplassen was gesignaleerd ik een paar weken daarvoor hier iets vreemds had opgemerkt.

Serendipiteit?


En dat zelfde fenomeen zag ik vandaag opnieuw, dus leek het me leuk te voorspellen dat over een week of 2 een kolonie Vale Gieren in Nederland komt buurten.
Het is nog een tikkeltje te vroeg om waarneming.nl te informeren, tenslotte heb ik alleen een verschijnsel waargenomen dat ik 4 jaar geleden ook waarnam. Het is weliswaar een de ijdelheid strelende gedachte dat ik beschik over serendipitaire vermogens die de ornithologie verder zullen helpen, maar over overtuigende bewijzen beschik ik nog niet. 

Wat zag ik eigenlijk?

Vanmiddag zaten er een stuk of 100 Vale Gieren boven ons huis. Vale Gieren zien we hier bijna dagelijks, maar nooit meer dan zes tegelijk. En zeker niet zo lang, want ze waren er vanaf een uur of twee. En nu zijn ze met zijn allen gaan slapen naast ons terrein, het werd al donker en ze konden niet meer naar hun nesten door de harde wind???? Alsof ze zich zoals trekvogels verzamelen voor de aanvang van de reis. 

Dubbel vreemd is het, want het is Vale-Gieren-broedtijd.......wie gaat er op die eieren zitten vannacht?

Bij thuiskomst merkte Tim droogjes op dat volgens hem buurmanschoonzoon gisteravond minstens drie wilde zwijnen had doodgeschoten en niet opgeruimd. Zou ook een verklaring kunnen zijn, wat meer down to earth. Ze hadden zich in die versie gewoon al te lichtvaardig volgevreten en waren daardoor nog niet helemaal luchtvaardig. 
Vanavond toen het donker was, zag ik waarom de wilde-zwijnen-oogst gisteravond zo overvloedig was geweest. Buurmanschoonzoon heeft zijn jachttactiek aangepast. Tot voor kort reed hij altijd met de ronkende oude Nissan Patrol rond als hij op jacht ging. Nu gaat hij te voet. En dan horen die zwijnen hem niet van een km aankomen, slim bedacht!


Naschrift 8 mei: 

Het kan natuurlijk toeval zijn, maar ik moest er stiekem wel om lachen toen ik net op Nu.nl het volgende berichtje voorbij zag komen:










Zeldzame vale gieren gespot in Alblasserwaard

Terug naar de website

dinsdag 2 februari 2016

Spaans benauwd

Gisteravond kreeg ik het ineens Spaans benauwd. Al een tijdje ben ik onze website aan het opfluffen. Dat lukt redelijk, zolang ik me maar strikt houd aan het devies: Niks raars doen. Overal afblijven waar je geen verstand van hebt. Zoals de gemiddelde automobilist nog net weet hoe er lucht in de banden moet worden geblazen, benzine in de tank dient te worden gegooid en water voor de ruitenwissers bijgevuld, maar iedere andere handeling aan zijn voertuig aan de vakman overlaat. 

Helaas worden die auto's tegenwoordig volgestopt met electronica. Waardoor de gemiddelde vakman niet zo héél veel verder komt dan het uitlezen van de boordcomputer die hem vertelt welk onderdeel hij moet bestellen om te vervangen. (Je zou denken dat die computer erbij vertelt hoe dat onderdeel heet, het bestelnummer zeg maar, maar dat is dan weer niet zo. Althans niet hier in Spanje bij mijn garage. Daar moet ik steeds opnieuw mijn autopapieren afgeven en gaat de monteur vervolgens eindeloos aan het bellen. Dat zou toch handiger moeten kunnen.)

Nu dacht ik, nadat ik had bedacht dat ik het Spaans benauwd had gekregen, waar komt die uitdrukking eigenlijk vandaan? Dat heb je soms als Nederlander die in Spanje woont. Om het helemaal zuiver te houden, van dat denken kwam pas vanmorgen nadat ik gisteravond een paar spannende uurtjes had doorleefd. 

Wat was er gebeurd?

Na het uploaden van een gewijzigde pagina was de tekst weg. Alsof je bij je geparkeerde auto terugkomt en er alleen nog maar een benzinetank, 4 banden en het waterreservoir van die ruitenwissers aanwezig zijn.
De foto's van de banner en ter illustratie stonden er nog op en daarnaast nog wat kopteksten. Geschrokken keek ik naar een andere pagina. Zelfde verhaal. De Homepage? Idem. De banner, de vraag "Wat is Lo Closo" en verder 0. Geen info, geen emailadres (mocht er iemand op het idee komen mij te melden dat de website niet meer werkt) en geen telefoonnummer. 
De mensen die die vraag: "Wat is Lo Closo?" via het scherm voorgelegd kregen, zouden waarschijnlijk denken: "Veel kan het niet wezen, zo te zien." 
Gelukkig gebeurde het na middernacht, ken ik nog wel een paar computermonteurs voor als alle banden tegelijk lek zijn, dus helemaal hopeloos was het niet. En toen ik een goed uur later iets terugzette waar ik eigenlijk van af had moeten blijven, werkte alles weer en kon ik gerust naar bed.

De tachtigjarige oorlog?

Nu ben ik van de weetjes, dus die vraag naar de oorsprong van de uitdrukking "Spaans benauwd" trof mij vanmorgen met volle hevigheid. Ff Googlen en klaar, denk je. 
Anderen misschien, maar ik raak dan volledig op drift. Via de mogelijke etymologische oorsprong als gevolg van de 80-jarige oorlog kom ik al snel uit bij "Op 1 april verloor Alva zijn bril" (Nooit begrepen als kind, ik leg het zo uit), zit ik de complete stamboom van de hertogen van Alva uit te pluizen (nog altijd het belangrijkste adellijke huis in Spanje) omdat ik me er altijd over verbaasde dat de naam van de onlangs overleden hertogin van Alva María del Rosario Cayetana Fitz-James Stuart y Silva luiddeen daar zit toch weinig Alva aan.
En dat klopt, want die bloedlijn heeft rare kronkels gevolgd sinds haar "verwant", onze hertog van Alva, als door Filips II benoemd landvoogd van de Nederlanden, op 1 april 1572 Den Briel (werd Bril) in handen van de opstandelingen zag vallen. 
Deze gebeurtenis heeft in de loop van de tijd ten onrechte de faam gekregen dat het een ommekeer in de strijd zou hebben betekend. Inderdaad een beetje veel eer, want die hele 80-jarige oorlog was pas 4 jaar bezig. Het zou toch een knakje in ons Nederdietsche zelfbeeld betekenen als we na "het momentum" in de strijd nog 76 jaar nodig zouden hebben gehad om dat handvol Spanjolen echt weg te jagen. 

De tachtigjarige oorlog??

Dat is namelijk ook zo grappig. Toen onze kinderen op de lagere school zaten informeerde ik weleens langs mijn neus weg hoe dat toch met die 80-jarige oorlog zat? Wij hebben ons tenslotte niet voor niks al die tijd ingespannen om ons van het Spaanse juk te bevrijden. Nou nee, dat zien ze in Spanje anders. In de Spaanse geschiedenisboeken waren er wat "opstandelingen" actief in de Nederlanden rond die tijd. Koerden in Turkije, zoiets. 

Inmiddels heb ik al drie vragen beantwoord die aanvankelijk niet waren gesteld. De uitdrukking over die bril van Alva, de vraag waarom Cayetana zulke rare achternamen had (haar zoon, die nu hertog is, heet Carlos II Fitz-James Stuart y Martínez de Irujo, zo noem je je hond ook niet)  en de vraag hoe onze 80-jarige oorlog in de Spaanse geschiedenisboeken is terechtgekomen. Niet dus. 

De etymologie

Laat ik terugkeren naar de uitdrukking waar het hier over had moeten gaan. Inmiddels heb ik een week gratis proef aangevraagd bij het Etymologisch woordenboek, want die willen betaald worden voor het antwoord op mijn vraag. De verklaringen die ik tot dusverre tegenkwam, bevredigen mij onvoldoende, ze luiden:

-De Spanjaarden belegerden steden (Alkmaar, Leiden.....) tijdens de revolte in de Nederlanden om de bevolking het benauwd te laten krijgen;
-De Spanjaarden werden omsingeld door de Oranje-legers in bepaalde steden waar ze het benauwd van kregen;
-Het is in Spanje altijd warm, waardoor je het daar benauwd krijgt;
-Het zou verband houden met een door de Spaanse inquisitie gebruikt martelwerktuig. Een steeds strakker aangetrokken strop totdat de dood (of de bekentenis) erop volgt leidt tot benauwdheid. 

Die van dat warme Spanje lijkt onwaarschijnlijk, maar niet iedereen vloog vroeger twee keer per jaar naar Barcelona of Malaga, dus dat is de zaak bekijken met een hedendaagse bril, zou je kunnen zeggen. 

Tenslotte, om een virtuele kring rond te maken, Den Briel is verbasterd tot bril; de mussen vallen niet van het dak, maar het mos van de vroegere rieten daken, dat droogde uit in warme zomers; etymologie is ook maar de archeologische amateurtak van de studie van het Nederlands. Er bestaan geen professoren van.
Laat ik maar even afwachten totdat de Etymologiebank.nl mijn verzoek tot proeflidmaatschap honoreert, want ze zijn daar net zo langzaam als het paard van de slechterik. (Een Spaanse uitdrukking die terugslaat op de cowboyfilms: "El es más lento que el cavallo del malo.")

PS Vandaag leek  er weer iets fout te gaan met mijn update-praktijken. Ik leer er toch iets van blijkbaar, want ik wist zo zeker dat ik nergens aan had gezeten dat ik vrij snel ging kijken of het niet aan de computer kon liggen. En dat was zo!



Terug naar de website